Column

De nazi-zangers en hun triomf in Utrecht

Rechtvaardigheid is soms ver te zoeken in een voetbalstadion, al betrof dat zondag in de Galgenwaard zeker niet de uitslag van FC Utrecht-Ajax. Het enige doelpunt werd gemaakt door de meest creatieve speler op het veld, Yassin Ayoub, die als jongen van 14 bij Ajax werd weggestuurd, omdat hij betrokken was geweest bij een vechtpartij in de kleedkamer en daarna niet sorry had gezegd.

Met zijn discipline is het misschien nog niet in orde – de nu 21-jarige Ayoub werd in oktober door FC Utrecht voor één week geschorst, omdat hij (officiële verklaring) „herhaaldelijk regels en afspraken geschonden heeft, waaronder te laat op de club verschijnen”. Maar met zijn spelopvatting binnen de krijtlijnen is niks mis; hou hem in de gaten, die Yassin; bondscoach Danny Blind doet dat ook.

Nee, niet door die 1-0 – de onrechtvaardigheid in Galgenwaard werd zondag gesymboliseerd door het lege, door hekken omzoomde vak waar normaal de supporters van de bezoekende club staan, in dit geval Ajax. En door de geheel lege Bunnikside achter het tegenovergelegen doel.

Toen er in de richting van dat Ajax-vak op vocale wijze werd vastgesteld dat het „stil” was „aan de overkant”, was dat zelden zo waar als ditmaal. Er was niemand die dat kon tegenbrullen.

Het was allemaal het gevolg van racisme, met als bijzonderheid dat de slachtoffers werden gestraft en de daders een mooi plekje elders in het stadion kregen toegewezen.

Daders en slachtoffers troffen elkaar eerder dit jaar, bij de wedstrijd tussen Utrecht en Ajax van 5 april. Utrecht-fans schoten vuurpijlen naar een ander vak en zongen walgelijke liederen; de tekst is het citeren niet waard. Dat andere supporters van dezelfde club, het beschaafdere deel, hen omschrijven als „idioten”, „mafketels” en vooral „akelige nazi-zangers”, zegt genoeg.

Vanuit de KNVB werd Utrecht bestraft: een boete van 10.000 euro en de bepaling dat de héle Bunnikside bij de volgende wedstrijd tegen Ajax leeg moest blijven. Hier ontstond onrechtvaardigheid nummer één. Op de Bunniktribunes is plaats voor 5.000 toeschouwers; de ‘nazi-zangers’ waren misschien met twintig, dertig, veertig. Waarop FC Utrecht besloot om de 2.000 seizoenkaarthouders die normaal de Bunnikzijde bevolken elders een plek in het stadion te bieden. Dat was toch niet zo verstandig, want zo ontstond het risico dat de ‘mafketels’ in de buurt van de Amsterdamse supporters – ook allerminst uit louter lieverdjes bestaand – terecht konden komen. Waarop burgemeester Jan van Zanen van Utrecht in actie kwam. Hij besloot slechts vergunning voor de wedstrijd van zondag te geven als het uitvak leeg zou blijven. En hij verbood Ajax-supporters daartegen in zijn stad te demonstreren.

De officiële supportersvereniging stapte naar de rechter in de hoop dat hij Galgenwaard voor de (1.200) Ajax-fans zou openen, maar die noemde vrijdag de afweging van de burgemeester „niet onredelijk”. De rechter meldde in zijn vonnis bijna schuldbewust „dat het voor de supporters van Ajax oneerlijk voelt dat zij in dezen worden geraakt terwijl de sanctie van de KNVB aan FC Utrecht is gericht”. Ziehier onrechtvaardigheid nummer twee, de grootste.

In en rond het stadion van FC Utrecht werd zondag voor het eerst gebruikgemaakt van een nieuw videosysteem, met maar liefst 61 vaste en beweegbare camera’s. Om iedereen in de gaten te houden. Daarmee behoort de club „tot de technologische top van Europa”, meldt directeur Wilco van Schaik. Is dat iets om trots op te zijn? Het zal nodig zijn, want fans van Utrecht gingen in de thuiswedstrijd tegen FC Twente vorige maand opnieuw in de fout. Ze zongen een ‘bananenlied’ toen er een donkere speler van Twente geblesseerd op de grond lag. Dat is het probleem met zulke kezen: ze zijn maf en hardleers.