Brood met een scheutje melk

De redactie bespreekt elke week een nieuwkomer op televisie. Vandaag: Broodvertolker Stefan Rokebrand.

Foto ANP

Het blijft een boeiend fenomeen: acteurs of willekeurige imitators die BN’ers nadoen op de Nederlandse televisie, al dan niet ter promotie van een film, toneelstuk, of de betreffende BN’er zelf. Zo vulde De Wereld Draait Door (VARA) ooit een item met Carlo Boszhard in de rol van voetbalanalist René van der Gijp, en kwam de twaalfjarige Thijmen op tv omdat hij de stem van mediapersoonlijkheid Britt Dekker kon nadoen. Soms is het vermakelijk – soms ook wat potsierlijk.

Acteur Stefan Rokebrand (38) vertelde donderdag bij Pauw (VARA) over zijn hoofdrol in Chez Brood; muziektheater over rockzanger Herman Brood. Het stuk is, aldus de makers, een „eerbetoon op de planken” aan een „unieke, creatieve geest die weigerde volwassen te worden”. Rokebrand heeft de juiste gezichtstrekken, een goed postuur, en warrig, ravenzwart haar – geverfd, net als Brood zelf. Hij had de rockster zelfs eens om een handtekening gevraagd. Op zijn spijkerjack schreef Brood ‘Dutroux’ – met watervaste stift.

Twee andere spelers kwamen kort aan het woord: de vertolkers van Broods vrienden Jules Deelder (Tibor Lukács) en Bart Chabot (Owen Schumacher). Beiden stelden zich voor, geheel in hun rol, Lukács in een zwart pak, Schumacher met karakteristieke Chabot-bril. Acteerprestaties van grote klasse, maar op tv lijkt het ook wat vervreemdend te werken: als kijker zoek je onbewust naar de ‘authentieke’ trekjes, wat afleidt van het eigenlijke verhaal. Beelden van persiflages dringen zich op. Was het niet mooi geweest als Deelder en Chabot, die de voorstelling schreef, zelf in de studio over hun vriend hadden verteld?

Los daarvan lijkt de rol van Rokebrand, die naast een goede uitstraling ook een fiks pakket aan ervaring heeft, veelbelovend. Zo speelde hij Maxine in Celblok H (SBS 6) en Erik Hazelhoff Roelfsema in de musical Soldaat van Oranje. Het stuk Chez Brood gaat begin 2016, het jaar waarin Brood zeventig zou zijn geworden, in première, daarna verschijnen nog boeken en een film. Rokebrand kreeg in de studio vast een Grand Marnier met warme melk. Niet écht warm, want dat ging niet tijdens de uitzending. „Ik denk trouwens niet dat mijn vader er zo veel melk bij deed”, corrigeerde dochter Lola Brood. Ach, als het er maar wat op leek.