Pofalla in de Frankfurter Allgemeine: ‘Ga toch weg!’

De Duitse schrijver Boris Pofalla vindt dat ‘wij’ te vaak wordt gebruikt in de EU. Die ‘wij’ bestaat niet, zegt hij.

Frans Timmermans’ pamflet Broederschap, een pleidooi voor meer Europese verbondenheid, is in ieder geval goed voor het ‘wij-gevoel’, zo valt in kringen van EU-watchers te beluisteren. De auteur gebruikt het woord ‘we’ dan ook veelvuldig in zijn net verschenen boekje. „We moeten weerbaarder worden”. „Wat we hebben is toe aan hervorming”.

Maar juist dat veelgebruikte ‘we’ is in relatie tot Europa „geen mooi woord”, vindt de Duitse schrijver en criticus Boris Pofalla. In een fel opiniestuk onder de kop ‘Haut doch ab!’ (Ga toch weg!) in de Frankfurter Allgemeine Zeitung signaleert Pofalla dat de eerste persoon meervoud nu alomtegenwoordig is in de EU. „En hoe vaker ‘wij’ in een abstracte gemeenschap wordt gebruikt, des te dieper zit de kar meestal in de prut. ‘Wij’ Europeanen moeten één front vormen (tegen islamisme), ‘we’ redden het wel (met de vluchtelingen) en ‘we’ trekken Europa weer vlot” (met de crisis). Maar Pofalla noemt het ‘wij’ in deze bezweringsformules „een leugen”.

Pofalla, geboren in 1983, kan Timmermans’ pamflet nog niet hebben gelezen; er is ook geen direct verband tussen zijn essay en het opstel van de vicevoorzitter van de Europese Commissie. Maar de Duitser kaart wel heel concreet een van de grote thema’s aan die volgens hem laten zien waarom het slecht gaat met Europa: werkloosheid en arbeidsonzekerheid onder jonge mensen.

De jeugdwerkloosheid in Spanje en Griekenland bedraagt circa vijftig procent, in Italië is die nauwelijks lager, in Frankrijk zat dit jaar een kwart van de burgers onder de 25 jaar zonder werk of zonder opleiding, schrijft Pofalla. „En als jonge Europeanen toch een baan vinden, dan is het tijdelijk of slecht betaald. Een nieuwe generatie rot weg in de wachtstand, heeft geen perspectief, sticht geen gezin.”

Europa heeft volgens hem vooral toekomst als eldorado voor pensionado’s en toeristen. „Praktisch geen jonge Europeaan kan zich een normaal leven permitteren in Parijs, Rome, Madrid of Londen. Voor wie zijn die steden dan? Voor Noorse renteniers, die er hun derde woning inrichten? Voor Chinezen die Chanel en Prada leegkopen? Kennelijk”, aldus een verbitterde Boris Pofalla in de FAZ.