Column

Het onverwachte

De stunt van PSV en van AA Gent bracht zowel in Nederland als in België duizenden mensen aan de rand van het delirium. De vreugde-uitbarstingen draaiden in de provinciesteden uit op heuse bevrijdingsfeesten. Europa herrezen als bakermat, anders dan in de politiek. Zowel Gent als Eindhoven maakte het onverwachte waar.

Het was lang geleden dat ik voetbalstadions nog zo uitzinnig te keer had zien gaan om een schrale overwinning met matig voetbal. Wel mooi, zo’n vlaag van ongeremd geluk. En pijnlijk voor de hoofdstedelijke concurrentie die gedegradeerd is tot gehuchtenvoetbal. Europa was te hoog gegrepen.

Dat was het ook voor Louis van Gaal van Manchester United. Met zijn miljoenenploeg uit de Champions League gedonderd door de geplaagde Volkswagenclub Wolfsburg – scheur dan je clubkostuum van schaamte en spijt. Laat op zijn minst de cabareteske riedel met klompenhumor achterwege. De misère van Van Gaal, zowel in de Premier League als in de Champions League is een laatste kans op nederigheid. Louis zal ze niet grijpen, hij blijft doordraven in onwezenlijke zelfjubel.

Ecce homo door alle ellende heen.

Doe dan maar Phillip Cocu. De coach van PSV liet het succes tegen CSKA Moskou geheel aan de spelers. Hij streek even met de handen door de haren en dook gehaast de catacombe in. In zijn napraatje hield hij het kurkdroog. Alsof hij met zijn gedachten reeds bij een lekkere stamppot in familiekring was. Cocu stond organisch buiten de doorbloeding naar de Champions League. Hij is veruit de meest chique coach van de eredivisie. Hij coacht zoals hij voetbalde: zonder geluid en grimas. Met magistraal overzicht uit een halflege blik. De ziener die niet gezien wil worden.

Hein Vanhaezebrouck van Gent is napoleontischer in zijn verschijning. Hij staat in accordeonstand langs de lijn met arabesken als molenwieken. Theaterman à la Van Gaal. Hein speelt onthechting en nonchalance. Op de feestelijke avond in Gent vroeg een tv-verslaggever of hij naar de loting zou kijken. Geen denken aan: „Ik ga met mijn vrouw eten.” De volgende tegenstander in de Champions League interesseerde hem niet. „Het doet mij niks.”

Teksten van een poseur. Of is het verlegenheid in het geweld van de media? AA Gent is de eerste grote club voor Vanhaezebrouck - zijn gedrag is nog niet aangepast aan internationale mores.

De uitschakeling van Ajax tegen een Noors café-elftal is wraakroepend. De club heeft kennelijk alle Europese ambities opgeborgen. Historie schrijven is er niet meer bij. Dat AZ en Groningen het in de poulefase lieten afweten, is verklaarbaar: te smalle kern voor een dubbele competitie. Dat is niet het geval bij Ajax. Daar knelt ander zeer: prestige is geen doorslaggevende factor meer. Zolang het handelshuis maar floreert, is de honger gestild. Daarmee wordt impliciet ook gezegd dat het spektakelgenot van 50.000 fans quantité négligeable is. Een partijtje tegen Cambuur is goed genoeg voor Ajacieden. In hooghartigheid kan de eens zo roemrijke club wedijveren met de KNVB. De echte provincialen zitten in Zeist en Amsterdam.

Straks speelt PSV tegen Real Madrid en mag Ajax de bus in naar Heracles. Of dat pijn doet – de vraag wordt door Frank de Boer niet eens meer gesteld. Hij dobbert mee op de dynamiek van de ondergang. Een landstitel is glorie zat. Hij is toch al aan verandering van lucht toe.

Gelatenheid is het kenmerk van zogenaamd Nederlands topvoetbal.

Het succes van PSV werd tot in de huifkarren van Drenthe en Overijssel mee gevierd. Het volksfeest als welgekomen discontinu moment in een sluimerende angstcultuur.

Merci Cocu, merci.