Eindeloos wachten op het geld

Zzp’ers moeten vaak maanden wachten tot hun facturen worden betaald. Toch grijpen ze meestal niet in. „Mensen zijn bang dat ze een blauwtje lopen bij hun opdrachtgever.”

Koert Stavenuiter: „Een betaalde factuur is pas écht waardering van je werk.”

Striptekenaar en illustrator Koert Stavenuiter (41) uit Eindhoven is goed in zijn vak. Dat zal hij misschien niet snel over zichzelf zeggen, maar dat doen zijn opdrachtgevers wel. Vol vertrouwen stuurt hij na gedane arbeid zijn facturen. Dan blijft het stil – oorverdovend stil. Zestig dagen. Negentig dagen. Ja, één keer zelfs zes maanden. Leuk natuurlijk, die complimenten, „maar een betaalde factuur is pas écht waardering van je werk.”

„Het wordt steeds gekker”, vertelt Stavenuiter, die vijftien jaar zzp’er is. „De laatste jaren zoeken steeds meer bedrijven de grenzen op. Kleine opdrachtgevers zijn altijd op tijd, betalen soms nog diezelfde dag. Het zijn grote bedrijven en overheden die problematisch zijn. Lange betaaltermijnen zijn de standaard geworden. En dan te bedenken dat het om relatief kleine bedragen gaat, rond de 1.000 euro.”

Zijn betaaltermijn van dertig dagen wordt zonder overleg verlengd. Op begrip voor zijn positie als eenmanszaak kan hij niet rekenen. „Dan is de reactie: maar je krijgt uiteindelijk toch betaald? Ze behandelen me alsof ik een groot bedrijf ben. Maar omdat het opdrachten zijn waar ik langere tijd mee bezig ben, kan ik geen andere klussen aannemen. Soms heb ik periodes waarin er een hele tijd niets gebeurt. Dan moet ik maar hopen dat er iets binnenkomt.”

Het laatste schakeltje

Lastig is dat de bedrijven waar Stavenuiter voor werkt, bij opdrachten weer tussenbureaus inhuren. „Dan ben ik meestal het laatste schakeltje. Ik heb wel discussies gehad met zo’n tussenpersoon, die geeft mij gelijk, maar die wil ook de relatie met het bedrijf niet op het spel zetten.” Af en toe schiet het door zijn hoofd: moet ik zo verder? „Maar ja, ik doe dit werk zo graag.”

Problemen met wanbetalers is een veelgehoorde klacht onder zzp’ers. Om ondernemers hiertegen te beschermen is in 2013 de Wet betalingstermijnen ingevoerd. Hierin is vastgelegd dat de betalingstermijn tussen bedrijven maximaal dertig dagen mag zijn. In de praktijk komt daar weinig van terecht, ervaren veel zelfstandigen. Hun aantal is niet precies bekend. In maart dit jaar ondervroeg OpenCompanies, onderdeel van kredietspecialist Graydon, zeshonderd ondernemers. Ruim de helft van hen zei „regelmatig” niet betaald te worden en 86 procent heeft te maken met late betalers. Factureringsbedrijf MoneyBird analyseerde in diezelfde periode ruim 2,6 miljoen facturen die sinds april 2013 zijn verstuurd. Daarvan bleek 45 procent te laat betaald.

Schilders en timmermannen

„Ik zie het ook op mijn kantoor”, zegt eigenaar Richard Hilgers van RCH Accountants dat honderdvijftig cliënten bedient. „Er zitten veel starters bij en die zijn niet allemaal succesvol.” Vaak zijn het zzp’ers in de bouw, schilders, timmermannen, elektromonteurs, aldus Hilgers, die met één opdrachtgever beginnen. „Voor ze hun dienst verlenen moeten zij eerst kosten maken, zoals het huren van een container of een kraan. Als die enige opdrachtgever dan een wanbetaler blijkt, moet een deel van hen het gedwongen opgeven.”

Andere cliënten van Hilgers hebben te maken met late betalingen van grote bedrijven, of overheden, zoals ministeries. „Dan moet je stevig in je schoenen staan.” Wanneer een opdrachtgever nalatig is met betalingen, mag je volgens de wet 8,05 procent rente in rekening brengen over het verschuldigde bedrag. „Maar dat doen mensen niet. Ze zijn bang een opdrachtgever kwijt te raken.”

Na twee jaar haar cateringbedrijf Good Met Food in Haarlem te hebben gerund, heeft Mette Luiting (25) veel geleerd. Haar ervaring: particuliere klanten betalen altijd stipt, bedrijven laten op zich wachten. „Particulieren maken het geld altijd binnen een paar dagen over, het contact is heel amicaal, ik ben bij hen thuis geweest. Bij bedrijven is er meer afstand, voor hen ben ik de zoveelste. Ik moet er regelmatig achteraan mailen. Dat kost energie.”

Voor grote bedrijven geeft Luiting workshops van een week. „Lekker, dacht ik in het begin, dan kan ik goed verdienen. Maar ik wist niet dat de betaling pas na vier of vijf maanden zou volgen. Heel vervelend, als nieuw bedrijf zit je dan toch in de stress. Inmiddels kan ik het opvangen omdat ik een buffer heb opgebouwd.”

Luiting werkt op basis van vertrouwen. Klanten vertellen wat voor lunch, borrel, diner of high tea ze willen, zij maakt een offerte en koopt de producten in. Na afloop komt de factuur. „Ik werk niet met aanbetalingen, dat kost me te veel tijd.”

Maar dat vertrouwen kan worden beschaamd, ontdekte ze toen ze eens een spoedklus aannam. „Dan haal je alles uit de kast. Door een file kwamen we te laat. Die klant weigerde daarop te betalen en dacht: zo’n klein bedrijfje gaat dat toch niet aanvechten.”

Maar Luiting gaf niet zomaar op. „Het ging om een bedrag van ongeveer 700 euro, te weinig om er een incassobureau op te zetten. Gelukkig kende ik iemand die daar werkt en werden mij geen kosten berekend. Zo kreeg ik toch nog 70 procent terug. Alleen had ik dat niet gered.”

Die doortastendheid kan Martijn Pennekamp, oprichter van onlineplatform ikwordzzper.nl, dat jaarlijks 800.000 bezoekers trekt, wel waarderen. Hij komt ze regelmatig tegen op trainingen die hij geeft, zzp’ers die geen stappen ondernemen tegen wanbetalers. Hij biedt een incassoservice aan die openstaande bedragen voor zzp’ers int „met respect” en eventueel gerechtelijke stappen zet. Wie zich voor 29,95 euro per jaar aansluit bij een ondernemerscollectief, kan daar zonder extra kosten gebruik van maken. Duizend zzp’ers hebben zich aangemeld, maar er wordt nauwelijks een beroep gedaan op de service. Pennekamp: „Mensen zijn bang dat ze een blauwtje lopen bij hun opdrachtgever. Zij mogen best wat meer durf tonen. Als je niets vraagt, krijg je ook niets.”