De heerschappij van de klinische ervaring

Wetenschapsfilosoof Karl Popper was ooit assistent van psychoanalyticus Alfred Adler. Die kon ál het menselijke gedrag verklaren uit het minderwaardigheidscomplex. Zoiets gold in 1919 nog als wetenschap. „Typisch minderwaardigheidscomplex” oordeelde Adler dan ook over een jongen die hij niet eens zelf had gezien. Popper had die jongen wél gesproken. „Hoe weet u dat zo zeker”, vroeg hij Adler. „Wegens mijn duizendvoudige ervaring”, zei Adler. „Dan is deze jongen zeker uw duizendeneerste ervaring!”, schamperde Popper geschokt.

Sinds Adler is veel veranderd, maar tot in de jaren zeventig was hij een prototype van de goede arts: de hoogleraar-directeur die op grond van ervaring en autoritair gedrag bepaalde hoe de patiënten in zijn kliniek werden behandeld. Dáárom is een paar decennia geleden de evidence based medicinebeweging ontstaan. Niet persoonlijke ervaring, maar liefst dubbelblinde tests moeten beslissen over het nut van therapieën en geneesmiddelen.

Die koude wetenschappelijke invasie in de kliniek leidde tot veel discussie. Moet de dokter een protocolgestuurde machine worden? Natuurlijk niet. Maar waar ligt dan wel de grens in het grijze gebied tussen geoefend inzicht en wetenschappelijk gemiddelden?

Geen beter voorbeeld van dit probleem dan de antidepressiva bij kinderen en jongeren. Bijna 15 jaar geleden werd duidelijk dat zelfmoordgedachten bij hen toenamen door deze medicatie – ondanks pogingen van de fabrikanten dat stil te houden. En daarna bleek dat ze bij deze jonge patiënten de depressie niet eens verminderen. En toch worden ze nog best vaak voorgeschreven.

Waarom? Klinische ervaring, zeggen de psychiaters in stuk van Jannetje Koelewijn verderop in deze bijlage. Maar wat is die klinische ervaring dan? En schrijft iedere kinderpsychiater wel eens antidepressiva voor aan jongeren? In een ‘noodgeval’? Of komen de recepten van een paar grootvoorschrijvers? De beroepsverenigingen van psychiaters en kinderpsychiaters moeten hier kritisch naar kijken. Adlers tijd is nu wel voorbij.