Syriër mag wel door, Afghaan moet terug

De EU wil onderscheid tussen politieke en economische migranten. Maar terugsturen valt niet mee. Zo heeft de Griekse overheid de beloofde apparaten voor vingerafdrukken nog niet geleverd.

Bij de Macedonische grens keren gestrande migranten, op weg naar Noord-Europa, per bus terug naar de Griekse hoofdstad Athene. Macedonië wil geen 'economische migranten'meer. Foto Giannis Papanikos/AP

Na een politieactie aan de Grieks-Macedonische grens reden woensdag 45 bussen vol migranten naar Athene. De verkeerde kant op, volgens de passagiers. Daar waren ze al geweest. Ze wilden door naar welvarendere delen van Europa.

Zo’n 2.300 mensen – vooral mannen uit Marokko, Tunesië, Iran en Pakistan – zijn ondanks luidkeelse protesten afgeleverd op verschillende locaties in Athene. De meesten bij het Taekwondostadion, dat na de Olympische Spelen van 2004 geen goede bestemming had.

Het gaat om migranten die sinds 18 november Macedonië niet in mochten. Macedonië wil – in navolging van Slovenië, Kroatië en Servië – geen ‘economische migranten’ meer en selecteert op basis van vermoedelijke nationaliteit. De regering is bang te blijven zitten met mensen die na een lange asielprocedure waarschijnlijk worden afgewezen – zoals nu in Griekenland dreigt te gebeuren.

De landen op de ‘Balkanroute’ functioneren nu als filter. Syriërs, Irakezen en Eritreeërs kunnen in Macedonië op de trein stappen naar Servië en dan verder naar Wenen. De anderen blijven achter.

In het Taekwondostadion kunnen de migranten slapen en eten. Ze krijgen van de politie een papier met het bevel binnen dertig dagen het land te verlaten of een asielaanvraag te doen. Het stadion is geen gevangenis. Migranten kunnen naar buiten en dan proberen Griekenland uit te komen. Bij het uitstappen hadden sommigen het over de veerboot naar Italië of de landgrens met Albanië.

Wie na dertig dagen weer wordt gepakt kan worden gedeporteerd naar zijn thuisland. Maar in september en oktober kwamen 367.281 mensen over zee in Griekenland aan en werden er nul gedeporteerd. Zo gaat dat al jaren, maar nu willen de Europese beleidsmakers van de migrantenstromen tweerichtingsverkeer maken.

De druk om effectiever te gaan deporteren is groot. Maar in de praktijk blijkt dat ingewikkeld. Eind november deed de Griekse overheid in samenwerking met Europees grensagentschap Frontex bijvoorbeeld een poging Pakistanen te deporteren. Het vliegtuig naar Islamabad bleef aan de grond, omdat de Pakistaanse overheid de identiteitsbewijzen van de reizigers, afgegeven door de ambassade in Athene, niet wilde accepteren. Op 3 december werd een tweede poging gewaagd met 56 Pakistanen aan boord. Dit keer lukte het er 19 weg te brengen, de rest ging mee terug naar Griekenland.

Griekse autoriteiten zijn al blij als het lukt de migranten goed te registreren, vertelt een ambtenaar die geen interviews mag geven. „En dat hoewel we veel beloofde hulp, bijvoorbeeld apparaten voor vingerafdrukken, nog altijd niet hebben ontvangen.”

Hij twijfelt aan de intenties van andere EU-landen. Van de afspraak om 66.400 vluchtelingen van Griekenland over te nemen is pas een fractie uitgevoerd: dertig mensen gingen op 4 november naar Luxemburg. „Er zijn Europese landen die dit saboteren. Ze zien het liefst dat Griekenland in een groot concentratiekamp voor 100.000 migranten verandert.”

Onder migranten groeit de angst vast te komen zitten in Griekenland. Ze merken steeds meer onderscheid. Op het eiland Lesbos is het nieuwe kamp Kara Tepe met grote tenten en grindpaden voor Syriërs. Afghanen, Pakistanen en Tunesiërs zijn achtergebleven in het Moria-kamp, waar te weinig plaatsen zijn. Ze kamperen in eigen tentjes op een modderige helling. Tot hun frustratie krijgen Syriërs ook voorrang op de veerboot naar Athene.

De Griekse ambtenaar geeft toe dat het nooit zal lukken om alle achtergebleven migranten te deporteren. „Maar we moeten het proberen, vooral om de boodschap te sturen dat je teruggestuurd kúnt worden. Het is meer een preventiemechanisme.”

De burgemeester van Athene, Giorgos Kaminis, reageerde woensdag ontstemd op het transport van boze mannen naar zijn stad. De regering moet migranten rechtstreeks vanaf de eilanden terugsturen naar Turkije, zei hij, zodat ze niet meer eerst allemaal door Athene komen.

Turkije voert patrouilles op

Griekenland heeft met Turkije, net als met Pakistan, al jaren een terugnameovereenkomst. Die werkt in de praktijk echter net zomin. Daarbij ligt het terugsturen van migranten naar Turkije politiek gevoelig. Het land is al overbelast doordat het 2,2 miljoen Syriërs opvangt.

De EU probeert Turkije er dus toe te bewegen om harder te proberen mensen tegen te houden. Op 29 november werd daarover een akkoord gesloten. Sindsdien is het aantal patrouilles aan de Turkse kust opgevoerd en zijn zo’n 5.000 mensen opgepakt. Op de Griekse eilanden komen onverminderd bootjes vol mensen aan.

De praktijk in Turkije lijkt op die in Griekenland. De migranten die uit zee worden gevist en op stranden worden aangetroffen, worden geregistreerd en in de meeste gevallen de volgende dag weer vrijgelaten, zegt een woordvoerder van de UNHCR. Het gaat om mensen die vaak nog niets strafbaars hebben gedaan. De Syriërs onder hen zijn bovendien legaal in Turkije.

Hoewel statistieken ontbreken is duidelijk dat Turkije vaker met succes mensen deporteert dan Griekenland, vooral naar landen als Pakistan. Over de manier waarop zijn „veel vraagtekens” zegt Levent Korkut, een Turkse autoriteit op het gebied van mensenrechten. Migranten die naar detentiecentra worden gebracht vinden vaak geen advocaat, worden niet in hun taal geholpen.

Mensen van buiten Europa kunnen bovendien geen asiel aanvragen in Turkije. In combinatie met het gebrek aan transparantie maakt dat het nu vrijwel onmogelijk voor Europa om mensen terug te sturen naar Turkije. Er zijn geen garanties dat ze een eerlijke behandeling krijgen.

Binnen de EU wordt vurig gehoopt dat dit alles zo snel mogelijk verandert. De meeste migranten komen immers via kandidaat-lidstaat Turkije. Sinds 2007 heeft de EU al 15 miljoen euro meebetaald aan de bouw en inrichting van ontvangst- en verwijdercentra voor migranten. Ook zou een asielsysteem worden opgezet. Dat kwam, tegelijk met het EU-toetredingsproces, stil te liggen.

Rondom het verwijdercentrum in de oude wijk Kumkapi in Istanbul is het druk. Een Iraakse met een baby op haar arm roept iets naar haar man achter de tralies op de eerste verdieping. „Geen papieren”, legt ze in gebrekkig Turks uit. Ze denkt dat hij terug naar Irak wordt gestuurd.

Een groep Syrische Koerden is na een paar dagen detentie wegens een uit de hand gelopen ruzie weer vrij. Ze maken zich zorgen omdat ze hun geld voor de huur hebben uitgegeven aan een advocaat en nu geen onderdak meer hebben.

Patrick (26), uit de Congolese hoofdstad Kinshasa, werd op het vliegveld in Istanbul aangehouden omdat hij met een vals visum reisde. In het uitzetcentrum heeft hij een formulier in het Turks ondertekend, vertelt hij voor hij de straat uit loopt. Hij heeft geen idee wat erop stond.