Column

Stress is voor losers

Wekelijks rekent Japke-d. Bouma af met jeukwoorden op kantoor.

Wat mij dus opvalt: hoe het woord ‘stress’ is gedevalueerd op kantoor. Als je denkt dat de Braziliaanse real in een vrije val is geraakt, moet je eens kijken wat ‘stress’ tegenwoordig nog waard is: iedereen heeft het, iedereen krijgt het of is er net van terug. Er zijn zelfs al mensen die twee dagen per week werken en stress hebben.

En er zijn ook zoveel soorten stress tegenwoordig! Zo is er ‘presentatiestress’ – dat je een piepende fluitketel wordt als je een microfoon voor je hoofd krijgt; ‘lawaaistress’ voor de jongens met baarden die hun koptelefoon zijn vergeten en ‘informatiestress’ waar je écht zo snel mogelijk ALLES over moet lezen, NU, anders ben je te laat. Ik kwam ook ‘verkoop stress’ tegen op internet, wat mij een enorm goede tip leek om van je stress af te komen, maar dat bleek ‘verkoopstress’ te zijn en daar heeft vooral de afdeling sales last van.

Jongens. Ik zeg het maar meteen: stress is voor losers, zeker op kantoor. Stress is voor onzekere mensen die tekstjes van de dalai lama op Facebook zetten. Ja, voor de jonkies op kantoor is het misschien nog van belang om net te doen of je gestresst bent en steeds te zeggen: ‘ik ben even stressen’, of ‘ik heb nu even een stressmomentje’. Maar mensen boven de 30, kom op zeg. Als die nog stress hebben, betekent dat gewoon dat ze niet kunnen organiseren.

Rennen en stressen is zinloos, alle ervaren kantoortijgers weten dat. Stress is zwakte. Ze hebben het laatst ook op de snelweg uitgerekend: dat het 0,4 minuut uitmaakt ofzo, of je 100 of 130 kilometer per uur rijdt. Zo is het ook op kantoor: van stress komt het werk echt niet eerder af.

Stress qua woord is sowieso het grootste bedrog ever. Ik heb het even opgezocht, maar stress in de betekenis van ‘overspannen door werk’ bestaat pas sinds 1955. De Vikingen, Mart Smeets, Winston Churchill? Nooit stress gehad, blijkbaar. De stress deed op kantoor pas zijn intrede toen de vrouwen er een steviger poot aan de grond begonnen te krijgen – maar dat laatste kan natuurlijk ook toeval zijn.

Weet je wat ik denk? Dat al die stress pas écht begonnen is met de opkomst van de ‘mindfulness’ en het stressballetje om in te knijpen als je stress hebt. Mindfulness, nog zo’n jeukwoord. Dat is dat je in het heden moet leven. Als je érgens gestresst van wordt, is het wel van in het heden leven, hou eens op zeg. Hele pakketten kun je tegenwoordig kopen met ‘mindful inspiratie’. Ik kwam een site tegen waarop een BOX werd aangeboden „met opdrachten, kaartjes met quotes, oefeningen, meditaties, schriftjes vol uitleg, geheugensteuntjes en wijsheden van grote en kleine denkers” om je hoofd mee vol te proppen als je gestresst bent zodat je totaal overspannen van de ontspanning in een perpetuum mobile van ellende terechtkomt. Stress is trouwens ook vaak gewoon een excuus om veel chips en ijs te eten als je thuiskomt.

Ik zou dan ook zeggen: we stoppen gewoon met die stress op kantoor. Alleen de mensen die geen baan hebben, gepest worden, ziek zijn of een dierbare hebben die ziek is, díé hebben stress. De rest met zijn oud- en nieuwstress, kerststress, treinstress, januaristress, printerstress, functioneringsstress, sportstress, kledingstress, PowerPointstress, salarisstress, afvalstress, verjaardagsstress en kookstress? Die hebben geen stress.

Die zijn aan het leven.