Plan World Expo ligt nu bij kabinet

Het kabinet bepaalt binnenkort of het Rotterdam voordraagt als kandidaat voor de World Expo in 2025. De organisatie verwacht dat het plan de economie een impuls van 50 miljard euro kan opleveren.

De skyline van Shanghai, waar in 2010 de World Expo plaatsvond. Foto AP

Het organiseren van de World Expo in Rotterdam in 2025. Dat is het idee, en deze week is daarin een belangrijke stap gezet: het aanbieden van het plan aan het kabinet. De wereldtentoonstelling, die in het verleden voor Parijs de Eiffeltoren en voor Brussel het Atomium heeft opgeleverd, zou Rotterdam naar alle waarschijnlijkheid in ieder geval een derde brug over de Maas opleveren.

De plannen zijn nog niet helemaal uitgewerkt, maar de kernwoorden die de organisatie gebruikt zijn: groene ambities voor duurzame economische groei, ofwel: maak van je milieuproblemen economische mogelijkheden. Het kabinet moet voor april bepalen of ze Rotterdam inderdaad wil voordragen bij de organisatie van de wereldtentoonstelling in Parijs, en stelt daarvoor nu eerst een zogeheten maatschappelijke kosten-baten analyse op. 

De ambities van het Expo-plan zijn torenhoog. Dat past bij het vooruitgangsoptimisme dat ten grondslag ligt aan de uit de 19e eeuw stammende wereldtentoonstellingen: door culturele uitwisseling en innovatie mondiale problemen oplossen.

Innovaties

Toch is de World Expo-tentoonstelling niet het eigenlijke doel van de Rotterdamse plannen. De Expo moet investeringen en innovaties versnellen die tóch noodzakelijk zijn, tentoonstelling of geen tentoonstelling, zegt mede-initiatiefnemer Leendert Bikker. Het is een nuttige deadline.  

„Economische transitie is onvermijdelijk. Niet meer groot, groter, grootst, maar slim, slimmer slimst. Dan kun je afwachten, of je kunt initiatief nemen. Het blijkt dat veel bedrijven en overheden met dezelfde processen bezig zijn. Maar voor transitie, bijvoorbeeld van de omvangrijke petrochemische industrie, of naar een duurzame energievoorziening, zijn grote investeringen nodig. Dit plan moet dat hele proces versnellen.”

Bikker geeft een bekend voorbeeld van een probleem waarvan de oplossing een van de economische topsectoren in Nederland heeft opgeleverd: water. De Hollandse kennis die de eeuwige strijd met het water heeft opgeleverd, is een belangrijk exportproducten. Zo kunnen ook oplossingen voor bijvoorbeeld slimme infrastructuur en energievoorziening kansen opleveren. Belangrijk is dat bedrijven en investeerders dat ook zien, zegt Bikker. Er zijn veel start-ups en ideeën, maar die hebben pas impact als ze op grote schaal worden overgenomen. En daar zijn grote investeringen voor nodig. „Er is al een interessante coalitie die achter dit plan staat”, zegt Bikker.

„Internationals, kleinere bedrijven, overheden, universiteiten, maar ook bijvoorbeeld natuurmonumenten. Want een grote, state-of-the-art metropool, waar het aantrekkelijk wonen en werken is daar hoort ook de natuur bij.” 

2,5 miljard

Zo’n 70 bedrijven en instellingen hebben zich nu aan het plan gecommitteerd, door toezeggingen voor bijvoorbeeld showcases of het naar voren halen van investeringen. „Ecologische noodzaak biedt nu voor het eerst echt economische kansen. Je hoeft niet te wachten op subsidie: er is investeringskapitaal dat er in wil.”

Dat is ook nodig. De schatting is dat er 2,5 miljard euro aan investeringen nodig is om de Expo in de stad te kunnen inpassen en bereikbaar te maken voor de vele bezoekers die worden verwacht. „Het klinkt veel, maar het is verspreid over 10 jaar”, zegt Bikker. En anders dan bij eerdere wereldtentoonstellingen moeten het duurzame investeringen zijn: er wordt niets gebouwd dat na de Expo geen functie meer heeft, zegt Bikker. Alleen vastgoed waarvan we vooraf weten hoe en waar het gebruikt zal worden. En het tienjarenplan moet zo’n 50 miljard extra economische activiteit opleveren, heeft de organisatie berekend.

Hoe hij aan dat getal komt?

„We hebben op grond van rapporten van onder meer het IMF en de EU uitgerekend wat bijvoorbeeld energietransitie ons oplevert. Kijk, een exacte opbrengst is niet te geven, maar als alles lukt is het in die orde van grootte, daar durf ik mijn hand voor in het vuur te steken."

De bedoeling is dat de tentoonstelling met de stad verweven is, en niet op een terrein buiten de stad wordt opgebouwd zoals bij de vorige Expo in Milaan, zegt Bikker.

„Gebieden als de Maashaven en de Rijnhaven zijn hun oorspronkelijke functies aan het verliezen. Daar komen nu de nieuwe maakbedrijven.  Er ontstaan zo meerdere centra in de stad. De grote verbindingsweg is de rivier. De stad is lang van de rivier afgewend geweest, maar dat verandert.”