Het meisje moest slapen op een nat matras

De hulpverlening aan twee verwaarloosde kinderen faalde jammerlijk. Instanties werkten langs elkaar heen.

Foto istock

Twee zwaar verwaarloosde kinderen uit Roelofarendsveen hebben onvoldoende hulp gekregen van hulpverleners. De bij het gezin betrokken instanties hebben niet goed samengewerkt, te weinig informatie gedeeld en zorgelijke signalen niet herkend. Dat oordelen de Inspectie Jeugdzorg en de Inspectie voor de Gezondheidszorg in een donderdag verschenen rapport.

Een 12-jarig meisje belandde in februari onderkoeld en onder de blauwe plekken in het ziekenhuis. Haar stiefmoeder had 112 gebeld. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) moest het meisje onder meer met vorst bij een open raam op een nat matras slapen. Ook haar broer (14) zou ernstig zijn verwaarloosd en mishandeld. Zo werd zijn mond dichtgeplakt met tape.

De vader (45) en stiefmoeder (34) van de kinderen zijn eind februari aangehouden en worden verdacht van poging tot doodslag. Beiden zijn onderzocht in het Pieter Baan Centrum. Het OM verwacht de rapportage daarvan in februari, waarna de inhoudelijke behandeling van de zaak kan plaatsvinden.

Het beeld dat uit het rapport van de inspecties naar voren komt, is dat van een gezin dat al sinds 2003 bekend was bij hulpinstanties. Zo maakten meerdere instanties melding van mogelijke mishandeling, onderzochten meerdere artsen de kinderen op tekenen daarvan en had de familie achtereenvolgens zeven gezinsvoogden.

De inspecties oordelen hard over de hulpverlening. Zo is „onvoldoende in gezamenlijkheid en afzonderlijk tijdig en volledig informatie verzameld”. Ook zijn „zorgelijke signalen niet nader onderzocht en niet systematisch in kaart gebracht, waardoor patronen niet herkend zijn”. Betrokkenen hebben „onvoldoende adequaat” gereageerd op signalen van mogelijk onveilige situaties. Alle betrokken instanties – ook de school – moeten verbeterplannen maken.

De inspecties schrijven wel dat de betrokken instellingen „over het algemeen [...] volgens de professionele richtlijnen” hebben gewerkt, met uitzondering van Veilig Thuis, sinds 1 januari het meldpunt voor kindermishandeling. Dat handelde niet snel genoeg bij een „acuut onveilige situatie” van een van de kinderen.

NRC meldde eerder deze week dat Veilig Thuis tekortschiet. De Inspectie Jeugdzorg constateerde onregelmatigheden bij alle tien vestigingen die zij sinds augustus bezocht. Zij moeten met verbeterplannen komen. De inspectie maakt ook over de andere zestien vestigingen rapport op.

Veilig Thuis is ontstaan door een fusie van het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling en het Steunpunt Huiselijk Geweld. Het valt sinds begin dit jaar onder verantwoordelijkheid van de gemeenten. De gedachte achter de fusie was dat alle geweld achter de voordeur met elkaar samenhangt. Veilig Thuis-nieuwe stijl brengt alle meldingen van mishandeling in kaart en stelt vast of ze gegrond zijn.