Teeven sloot een deal met een ‘heel magere opbrengst’

Hoe een onbelangrijk ‘vensterbankdossier’ leidde tot het einde van twee VVD-bewindspersonen. En hoe dat géén complot bleek te zijn, wat andere VVD’ers wel vermoedden.

Fred Teeven, op dit moment Kamerlid voor de VVD, gisteren tijdens het geven van zijn eerste reactie op het rapport van de commissie-Oosting. Foto ANP / Bart Maat

De zaak-Cees H. was helemaal niet zo gevoelig, toen officier van justitie Fred Teeven het in 1998 weer oppakte. Een ‘vensterbankdossier’, noemden ze het bij het Openbaar Ministerie (OM): een oude zaak die al een tijdje ligt te verstoffen. H. zat al in de gevangenis voor een drugszaak. Nu moest alleen zijn crimineel verkregen geld nog afgepakt worden. 

Het leidde tot een deal die wel heel goed uitpakte voor H., beschrijft de commissie-Oosting in haar woensdag gepubliceerde rapport. Zoals onderzoeker Marten Oosting in een toelichting zei: „Hier is geen voor de staat evenwichtige overeenkomst gesloten.”   

Van 498 miljoen gulden naar zeven ton

In eerste instantie wilde het OM 498 miljoen gulden afpakken: al het geld dat H. verdiend zou hebben met hasjtransporten. Volgens latere schattingen van de FIOD had H. in 1994 zeker 21,7 miljoen gulden aan bezittingen die hij met crimineel geld had verkregen. Daarvan had justitie 4,7 miljoen onder beslag liggen.

Maar afpakken was lastig, omdat een rechter dan van al dat geld bewezen moet verklaren dat het met criminele activiteiten verdiend is. Daarom stuurde Teeven aan op een deal met H.

In 1998 was Teeven dichtbij zo’n deal. H. zou alle bezittingen die onder beslag lagen, 4,7 miljoen gulden dus, afstaan. In ruil zou het OM alles op alles zetten om een gevangenisstraf die H. nog boven het hoofd hing, niet uit te voeren. Het ging om een veroordeling wegens een ontsnappingspoging uit de Bijlmergevangenis. Maar toenmalig minister Benk Korthals (Justitie, VVD) verbood zo’n package deal, waarbij H. strafkorting zou krijgen in ruil voor het afstaan van geld.

Twee jaar later sloot Teeven de definitieve deal met H. waarbij het OM 750.000 gulden in beslag nam van H’s door justitie bevroren Luxemburgse bankrekeningen. Daar stond 5,5 miljoen gulden op. 4,7 miljoen daarvan mocht H. dus houden. De belastingdienst werd erbuiten gehouden. Teeven maakte tegelijk de afspraak dat de gevangenisstraf wegens de ontsnappingspoging niet uitgevoerd zou worden. Dit keer waren het twee losse afspraken, zodat hij niet meer de kritiek zou krijgen dat het een package deal is.

Voor de commissie-Oosting is onduidelijk wat het belang voor het OM was bij deze deal met een „heel magere opbrengst”, zoals Oosting het zelf omschreef. De Belastingdienst had er niet buiten gehouden mogen worden, volgens de commissie.

Wellicht heeft Cees H. waardevolle informatie geleverd in een geheim gesprek dat hij in 1995 had met Teeven. Tegen de commissie beroept Teeven zich hierover op zijn ambtsgeheim.

Ministerie blijft ‘goed speurwerk’ tegenspreken

Nee, de berichtgeving van Nieuwsuur over deze zaak, in 2014 en 2015, was niet onderdeel van een complot. Daar is geen enkele aanwijzing voor, schrijft de commissie. Het was eerder „goed journalistiek speurwerk”.

In de eerste onthulling van Nieuwsuur, in maart 2014, werd het bestaan van de deal onthuld, maar bleef het exacte bedrag onduidelijk: 5 à 6 miljoen, werd in de uitzending gezegd.

Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) had weinig documenten om na te gaan hoeveel geld H. had gekregen. Op één van de weinige documenten die hij wel had, over de bezittingen van H. in 2000, stond een bedrag van 2 miljoen gulden. Door daar 750.000 gulden van af te trekken, concludeerde Opstelten dat H. 1,25 miljoen moest hebben gekregen.

Volgens de commissie had minister Opstelten meteen een grondig onafhankelijk onderzoek moeten instellen om het bedrag boven tafel te krijgen.

Opstelten liet wel een onderzoek uitvoeren, maar door een insider: oud-OM-leidinggevende Henk van Brummen. Opstelten gaf hem daar een „uiterst korte” termijn. In die korte tijd vroeg Van Brummen het OM om nog eens goed te zoeken, in plaats van dat hij zelf op zoek ging. Toen dat in opdracht van de commissie-Oosting gebeurde, werd een betalingsbewijs gevonden in een van de strafdossiers van H.

Opstelten concludeerde uit dit onderzoek dat er „geen administratie” meer was „de feitelijke financiële afwikkeling” van de deal.

Maart 2015 onthulde Nieuwsuur het exacte bedrag van de schikking: 4.710.627,15 gulden. Het ministerie zette keihard de tegenaanval in. Er kwam een persbericht waarin de uitzending werd ontkracht: „de bewering” dat Opstelten de Kamer verkeerd zou hebben geïnformeerd „is onjuist”. Intussen werd op het departement een nieuwe zoekactie opgezet, dit keer door ICT-specialisten. Die vonden een week na de uitzending, in een oud overzicht van betalingen, alsnog een ‘bonnetje’. Reden voor Opstelten en Teeven om af te treden. Volgens de commissie-Oosting valt „niet in te zien waarom die zoektocht niet al veel eerder is ingezet”.

Vier maanden later werd zelfs een tweede betalingsbewijs gevonden. Niet in het dikke strafdossier over de hasjtransporten van Cees H., maar in het kleinere dossier over zijn ontsnappingspoging uit de Bijlmerbajes. Dat dit zo laat ontdekt werd, laat volgens de commissie duidelijk zien dat er onvoldoende besef was „dat het onderwerp politiek inmiddels een steeds heter hangijzer was geworden”.