Spinoza kan leven met banvloek

Nederlands grootste filosoof kan niet in ere worden hersteld, hij is zijn eer nooit verloren, betoogt Vester Bergmans.

Zondag 6 december jongstleden debatteerden zogenaamde Spinoza-kenners en religieuze autoriteiten over de vraag of de banvloek tegen Spinoza opheheven kon/moest worden. De conclusie: Spinoza blijft vervloekt.

Tegenwoordig is Spinoza weer ‘hip’ (aldus Trouw). Dat verklaart misschien waarom ene Ronit Palache plotseling vond, bijna drie en een halve eeuw na Spinoza’s dood, dat de banvloek, die werd uitgesproken door het bestuur van de joods-Portugese gemeente, wel eens mocht worden opgeheven.

Immers, hoe kan een grondlegger van westerse vrijheden nog altijd buiten de deur worden gehouden, eeuwen na diens overlijden, in een gemeente die tolerant zegt te zijn?

Ik weet niet hoe ze het voor elkaar heeft gekregen, maar diverse rabbijnen en internationaal gerenommeerde academici waren opeens ook overtuigd van de noodzaak van een debat over dit onderwerp (hoeveel kregen zij eigenlijk betaald voor deze schertsvertoning en wie heeft dat betaald?).

Dat die banvloek destijds al belachelijk was, staat buiten kijf. Iets wat vele Joodse denkers en leiders dondersgoed weten; David Ben Gurion pleitte al eens voor een opheffing van de vloek. Sommigen krijgen het zelfs voor elkaar Spinoza als een Joods denker op te eisen! Hoe dan ook, de verstoting uit de joodse gemeenschap weerhield hem er niet van om zijn ‘ketterse’ mening op schrift te zetten. Hij zou zelfs een pleidooi houden voor de vrijheid van meningsuiting. Religie kon hem niet stoppen en hij vond dat religie dat ook niet mocht doen, zeker niet in een democratie.

Net zoals de banvloek toen veel meer zei over het jodendom en religie in het algemeen dan over Spinoza, gaat het debat nu ook helemaal niet over Spinoza, maar over het jodendom en religie in het algemeen. De banvloek als zodanig nam Spinoza al niet serieus, omdat zoiets een antropomorfe en straffende God veronderstelde, laat staan een debat erover. Spinoza kan in zo’n debat dus niet verliezen of winnen, want hij staat helemaal niet op het spel.

Het debat op zich laat echter zien waar Spinoza al op wees: de onterechte en ongerechtvaardigde bemoeienis van religie met de vrijheid van een individu. Of de banvloek nu bevestigd wordt of opgeheven; de deelnemers aan een dergelijk debat bewijzen bij voorbaat niets te hebben geleerd van Spinoza.

Religie in de vorm van het jodendom heeft al verloren, want wederom meent zij invloed te kunnen/mogen uitoefenen op de vrijheid van mensen, zelfs als zij allang dood zijn; iets waar Spinoza zich juist tegen verzette. Het is echter veel schrijnender dat ook academici (die als Spinoza-kenners worden betiteld) zich hebben laten verleiden tot dit debat, waarmee zij eveneens de mogelijkheid openhouden enig verschil te kunnen maken. Maar een verschil kan niet worden gemaakt in iets dat onveranderlijk is. De waarheid wordt er niet meer waar of onwaar op als zij wordt bevestigd of ontkend; dat is iets wat Spinoza meermaals heeft benadrukt. Hoeveel je er ook over discussieert, de waarheid blijft de waarheid. Zo ook is en blijft een illusie, ook (en juist) als je het erover hebt, niet meer dan een illusie.

Kortom, iedere Jood of expert die meent dat Spinoza het ‘verdient’ om erkend te worden, heeft niets van hem begrepen. Spinoza had en heeft geen erkenning nodig, zeker niet van religie. We moeten ons daarentegen afvragen in hoeverre wij zijn erkenning waard zijn; door niet te kijken naar hem, maar naar onszelf en in hoeverre onze samenleving de vrijheden garandeert die hij reeds bepleitte. Zeker de huidige tijd leent zich uitstekend tot zo’n moment van zelfreflectie.

Het mooie is dat Spinoza ondanks alles ongeschonden blijft. Hij kan niet in ere worden hersteld, want hij is zijn eer nooit verloren. Hij kan niet gered worden, want hij is nooit in gevaar geweest. Hij had zichzelf allang bevrijd uit de kooi van de religie. Hij wilde enkel met rust worden gelaten, zodat hij in vrijheid kon schrijven wat hij wilde. Hij zou het fijn hebben gevonden als hij zijn werk ook had kunnen publiceren, maar dat kon niet. Hij leefde immers nog niet in een democratische en vrije samenleving.

Dus als we hem echt willen eren, laten we hém dan gewoon met rust laten en zélf de tijd nemen om zijn werken in alle rust te bestuderen. Dan komt Spinoza het beste tot zijn recht.