Rabobank: 9.000 banen minder en toch ‘aanwezig’

Weer een massaontslag bij de Rabobank. Rijdende kantoren moeten het lokale netwerk overeind houden.

De topman van Rabobank, Wiebe Draijer, is iemand die graag ‘verbindt’. Hij wil mensen bij elkaar brengen, inspireren. En zo, gezamenlijk, mooie resultaten bereiken. Maar zijn eerste grote besluit is er één dat vooral veel spanning zal zetten op de bank die hij sinds eind 2014 leidt.

Woensdag kondigde Draijer de officiële uitkomst aan van zijn rondgang binnen en buiten de bank, die ongeveer vijfhonderd dagen duurde. Die moest hem de informatie geven die hij nodig had voor zijn belangrijkste taak: het uitstippelen van een nieuwe koers voor de bank.

Het resultaat is een kersverse strategie – maar wel één die gepaard gaat met een massaontslag. Tussen 2016 en 2018 verdwijnen er wereldwijd 9.000 banen bij Rabobank.

Die ontslagen komen bovenop een eerdere, eveneens ingrijpende reorganisatie. Tussen 2013 en 2016 moesten er bij Rabobank ook al bijna 10.000 banen verdwijnen. Die reorganisatie is nog niet eens helemaal voltooid: er moeten nog 3.000 banen worden geschrapt. Na de nieuwe ontslagronde zal het aantal werknemers met nog eens 20 procent zijn gekrompen.

Een pijnlijke boodschap dus voor het personeel. FNV uitte harde kritiek. Volgens de vakbond maakt Draijer een denkfout. Draijer wil de bank klantvriendelijker maken. Maar, vindt de vakbond, „je kunt de klantgerichtheid van medewerkers onmogelijk één-op-één vervangen door de processen te automatiseren.”

Volgens Draijer is de maatregel „noodzakelijk”, al erkent hij dat er veel wordt gevraagd van de werknemers. Hij meent dat het landschap waarin banken opereren in snel tempo verandert en dat Rabobank wel móét ingrijpen om te overleven. In een persbericht wijst hij onder meer op de strengere regelgeving, toenemende concurrentie (van onder meer innovatieve techbedrijven) en het feit dat steeds meer klanten nauwelijks nog naar bankfilialen gaan en hun bankzaken online regelen.

‘Nieuwe’ bank

De ‘nieuwe’ bank die Draijer voor ogen heeft moet klantgerichter zijn, over sterkere financiële buffers beschikken voor eventuele crisissituaties en een „betere coöperatie” zijn dan voorheen. Rabobank is de enige grote bank in Nederland met een coöperatieve structuur: de bank heeft leden en bestaat uit een verzameling van zo’n honderd zelfstandige banken met elk een eigen bankvergunning.

Die structuur wordt onder de nieuwe strategie vanaf 1 januari 2016 overboord gegooid. De Rabobank krijgt straks één bankvergunning, één balans en één jaarrekening. Woensdag heeft het bestuur hier definitief toestemming voor gekregen van de lokale banken. Zo moet het makkelijker worden om goed toezicht te houden binnen de bank. In het verleden heeft de toezichthouder AFM Rabobank op de vingers getikt omdat lokale banken klantdossiers niet op orde hadden.

Volgens Draijer gaat dit niet ten koste van het coöperatieve karakter. Dat wordt juist sterker doordat de leden meer invloed krijgen – hoe is nog niet helemaal duidelijk – en doordat de bank gaat investeren in nieuwe „contactpunten” voor klanten: er komen mobiele kantoren, zoals bussen, waar klanten bijvoorbeeld bij een concert of evenement kunnen binnenlopen. „Geen bank in Nederland is op zoveel plekken in het land aanwezig”, zei Draijer in een telefoongesprek met journalisten. „Dat lokale netwerk wordt alleen maar groter.”

Andere dingen die Rabobank voortaan anders gaat doen: de bank wil veel meer als intermediair optreden bij kredietverlening, dus niet zelf geldschieter zijn, maar bemiddelen tussen bijvoorbeeld ondernemer en crowdfundingbedrijven. De bank wil eveneens een aanzienlijk deel van haar portefeuille met leningen aan mkb-bedrijven en hypotheken doorverkopen aan grote beleggers.

Draijer sprak woensdag van „een historische dag”. De nieuwe strategie en structuur luiden „een nieuw hoofdstuk in de lange historie van Rabobank” in, zei hij. Maar voor medewerkers begint die fase pijnlijk.