Nieuwe aanpak huiselijk geweld schiet danig tekort

De Inspectie Jeugdzorg heeft vernietigende kritiek op Veilig Thuis, een fusie van twee meldpunten.

Foto iStock

Geen zicht op de veiligheid van mishandelde kinderen. Onbereikbare vertrouwensartsen. Rammelende registratie. En maandenlange wachtlijsten.

Het is een greep uit de vernietigende kritiek van de Inspectie Jeugdzorg op Veilig Thuis, sinds 1 januari 2015 het meldpunt voor kindermishandeling en huiselijk geweld.

De Inspectie heeft de afgelopen weken over tien van de 26 vestigingen van Veilig Thuis gerapporteerd, op basis van een reeks bezoeken die in augustus begon. Al die vestigingen schieten tekort in hun toezicht op de veiligheid van kinderen – vaak in ernstige mate. Stuk voor stuk moeten de vestigingen voor het eind van dit jaar met „verbeterplannen” komen.

Veilig Thuis is een fusie van het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling en het Steunpunt Huiselijk Geweld en valt sinds begin dit jaar onder gemeentelijke verantwoordelijkheid. Veilig Thuis brengt meldingen van mishandeling in kaart en stelt vast of ze gegrond zijn. Zo ja, dan brengt het hulp op gang.

In de praktijk duurt het vaak maanden voordat die hulp er is. Veilig Thuis Gelderland-Zuid kende tijdens het inspectiebezoek (oktober) een wachtlijst van 78 zaken, waaronder zaken met „hoge prioriteit”, schrijft de Inspectie. Mishandelde kinderen moeten er drie maanden wachten voor ze hulp krijgen. In Groningen: tachtig zaken in de wacht. Veilig Thuis Hollands Midden (Leiden, Gouda): bijna honderd zaken, met een wachttijd van vier maanden.

Over de veiligheid van deze wachtende mensen heeft Veilig Thuis vaak geen actueel beeld. In Groningen is er bij wachtlijstzaken zelfs „geen contact” met de melder of het gezin, noch is er sprake van „tussentijdse veiligheidsafspraken”, schrijft de Inspectie op basis van haar oktoberbezoek.

Louter binnen kantooruren

Ook de beschikbaarheid van de vertrouwensarts, een spilfunctie, laat te wensen over. Deze arts stelt met specialistische kennis vast of een vermoeden van kindermishandeling gegrond is. Een aan Veilig Thuis verbonden vertrouwensarts moet 24 uur per dag bereikbaar zijn – meldingen van mishandeling komen bij nacht en ontij. De praktijk is anders, merkte de Inspectie bij bezoeken dit najaar aan Zuidoost-Brabant, Twente, Noord- en Midden Limburg en Brabant-Noordoost. Daar werkte de vertrouwensarts louter binnen kantooruren.

Gelderland-Zuid en Drenthe scoren tot dusver het slechtst. Van de 24 Inspectiecriteria voldoen ze er aan acht. Zo is Gelderland-Zuid niet voorbereid op het uitvoeren van een crisisinterventie voor volwassenen – denk aan ouders die acute hulp behoeven bij de zorg voor hun kind.

De Inspectie brengt de komende weken rapport uit over de overige zestien vestigingen van Veilig Thuis. Tot die tijd wil zij haar bevindingen niet becommentariëren.