Intiem portret van Brando – nog altijd een maatstaf voor acteurs

Peter de Bruijn is filmredacteur.

Peter de Bruijn is filmredacteur.

Marlon Brando was geobsedeerd door privacy. Dit is de man die een eigen eiland kocht – Tetiaroa, in de buurt van Tahiti – waar hij zich kon verstoppen. Maar in de nieuwe documentaire Listen To Me Marlon, onlangs uitgekomen op dvd – is hij nu toch uitvoerig te horen over zijn leven en intieme herinneringen, ruim tien jaar na zijn dood.

Regisseur Stevan Riley kreeg van de erven toegang tot meer dan 200 uur geluidsopnamen die Brando maakte als een soort dagboek en zocht daar archiefbeeld bij. Brando gebruikte de opnamen ook als een soort kalmerende zelfhypnose. Vandaar dat hij zichzelf soms in de derde persoon toespreekt, zoals in de filmtitel.

De boze, obstinate Brando, met wie nogal wat filmregisseurs te maken kregen, is op de tapes niet veel te horen; die moesten zijn woede en onrust juist bezweren, afgezien van een woeste uitval naar Francis Ford Coppola die in de pers een boekje open had gedaan over Brando’s onmogelijke gedrag op de set van Apocalypse Now: „Hoe kan die klootzak mij dat aandoen? Ik heb die film van hem juist gered.”

Veel van Brando’s worstelingen gaan terug tot zijn jeugd: hij was de zoon van twee alcoholici. Zijn vader was gewelddadig, hij vereerde zijn moeder, maar moest haar geregeld uit de kroeg slepen. In New York kwam hij in de dramaklas van Stella Adler terecht en ontdekte daar ‘method acting’: acteren als zoektocht naar – emotionele – waarheid. Niet transparant of in dienst van het verhaal, maar juist ondoorzichtig, complex, tegenstrijdig, introvert of juist explosief. Hij werd er beroemd mee, maar de ‘method’ was ook een persoonlijke bevrijding: zijn emoties hadden ineens bestaansrecht. Ze waren zijn grondstof als acteur. Zijn artistieke ambities waren torenhoog, zijn latere teleurstelling in de filmindustrie navenant groot.

Als de wanhopige, naar seks zoekende Paul in Last Tango in Paris van de jonge Bernardo Bertolucci liet hij zich het meeste kennen. Maar na afloop voelde hij zich bezoedeld: hij had te veel laten zien. Zijn verval was langdurig: van iemand die van acteren hogere verwachtingen had dan wie dan ook sloeg hij om in een ster die nog hooguit drie maanden per jaar wilde werken, uitsluitend voor het geld.

Maar Brando op zijn best is nog steeds een maatstaf. Regisseur Riley vertelde dat hem bijna elke week wel een verzoek bereikt van een beroemd acteur – Dustin Hoffman, Jake Gyllenhaal – die zijn film wil zien.