KPMG reserveert 18,5 miljoen euro voor achterstallige betaling aan de Belastingdienst

Accountantskantoor KPMG heeft tientallen miljoenen gereserveerd voor achterstallige belasting en de afhandeling van diverse rechtszaken. Dat blijkt uit de resultaten over boekjaar 2014/2015, die nieuwe topman Albert Röell maandag presenteerde.

KPMG rekent erop nog 18,5 miljoen euro aan achterstallige belasting te moeten betalen in verband met de bouw van het eigen hoofdkantoor. Het accountantskantoor acht het „aannemelijk dat we dat moeten betalen”, zei Röell gisteren. Justitie verdenkt KPMG van belastingfraude. Het is mogelijk dat het accountantskantoor in het kader van een schikking ook nog een bedrag moet betalen aan justitie. Daar is nog geen reserve voor getroffen, zegt Röell, omdat er „nog geen enkele indicatie is” hoe hoog dat bedrag zal zijn.

Daarnaast heeft KPMG 10 miljoen euro gereserveerd voor de afhandeling van andere zaken uit het verleden, zoals mogelijke aansprakelijkheid in faillissementen van installatiebedrijf Imtech en slachterij Weyl.

De winst van KPMG daalde afgelopen jaar 23 procent naar 54 miljoen euro. De gemiddelde winst die de 140 partners ontvingen, daalde naar 391.000 euro. Ook de omzet daalde licht, naar 442 miljoen euro.

Oorzaak van de lagere winst is volgens KPMG de investeringen die het kantoor doet in het verbeteren van de kwaliteit, na een reeks schandalen. De komende drie jaar investeert het kantoor 54 miljoen euro, om zijn doel – „de norm in de sector” worden – te bereiken.

Ondanks deze grote ambitie bleef Röell gisteren herhalen dat KPMG vooral „bescheiden” moet blijven. Dat betekent volgens hem dat KPMG geen „marktleider” moet willen zijn, en ook niet de „grootste” of „de snelste”.

Röell is de opvolger van Jan Hommen, die in 2014 aantrad om KPMG te redden. Hommen, die ook ING uit de crisis leidde, heeft een plan gemaakt dat Röell nu gaat uitvoeren. De nieuwe topman wil de „samenwerking” binnen KPMG verbeteren en voor „verbinding” zorgen.