Terrorist profiteert van wapenlobby

De vuurwapenindustrie gedijt bij aanslagen. En de terrorist is gebaat bij een zo groot mogelijke vrijheid voor de wapenhandel. President Obama houdt vannacht een zeldzame tv-toespraak over zijn antiterreurbeleid.

Twee herdenkingsdiensten van de schietpartij in San Bernardino.

Terroristen en de Amerikaanse wapenlobby profiteren van elkaar. Na iedere aanslag neemt de verkoop van vuurwapens toe: na de aanslagen in Parijs werden in de Verenigde Staten records gebroken.

Bovendien profiteren terroristen van de soepele regels waar de National Rifle Association (NRA) voor strijdt. Terwijl president Obama probeerde de verkoop van vuurwapens enigszins te beperken, deden Syed Rizwan Farook en Tashfeen Malik hun voordeel met het verzet van de machtige NRA en de meerderheid in het Congres. De vier vuurwapens waarmee ze afgelopen woensdag veertien mensen doodschoten in San Bernardino, Californië, waren keurig volgens de regels aangeschaft.

Vergeleken met ander vuurwapengeweld komen aanslagen op Amerikaanse bodem relatief weinig voor. Na 11 september 2001 zijn 93 mensen in de VS door terrorisme om het leven gekomen, tegen 200.000 slachtoffers van ander vuurwapengeweld. In 45 gevallen ging het volgens denktank New America Foundation om islamitisch geïnspireerde terreur. 48 doden vielen door extreem-rechts terrorisme.

Na iedere aanslag en grootschalige schietpartij waarschuwt de NRA tegen strengere regels. Ook nu weer. „De demonen staan voor onze deur”, zegt NRA-directeur Wayne LaPierre in een tv-spotje. „Maar wij Amerikanen hebben een macht die niemand op aarde heeft: het recht onszelf en onze gezinnen te beschermen met behulp van het Tweede Amendement.” Dat amendement van de Grondwet, vaak aangehaald door vuurwapenbezitters, garandeert het recht van „goed gereguleerde milities” om vuurwapens te bezitten.

Obama speculeert al enige tijd op eigen maatregelen om vuurwapenbezit te reguleren, omdat het Congres niet wil meewerken. Vannacht zou Obama met plannen komen om „Amerika veiliger te maken”. Het is zeldzaam dat Obama het woord richt tot het Amerikaanse volk vanuit zijn werkkamer, het Oval Office. De laatste keer dat hij dat deed was in 2010, toen Obama een einde aan de Irak-oorlog aankondigde.

Overheid niet te vertrouwen

Een dag na de aanslag in San Bernardino stemde de Senaat over twee amendementen om de verkoop van vuurwapens voor mogelijke terroristen iets moeilijker te maken. De Democraat Joe Manchin wilde meer antecedentenonderzoek voor mensen die online vuurwapens kopen. Zijn partijgenoot Dianne Feinstein wilde dat mensen die op de FBI-lijst van mogelijke terreurverdachten staan, geen vuurwapens meer kunnen kopen. De Senaat stemde beide voorstellen weg.

Volgens de vuurwapenlobby is de overheid niet te vertrouwen en moeten burgers zelf hun leven kunnen beschermen. Daarom is er ook verzet tegen de FBI-terreurlijst, door sommigen gezien als inmenging van de staat in het privéleven van Amerikanen. Er staan wereldwijd ruim 700.000 mensen op die lijst, onder wie Amerikaanse leden van rechtse milities. De NRA hangt, net als veel Amerikanen, sterk het romantische idee aan van de lone gunman: de Amerikaan die zijn eigen boontjes dopt en de slechteriken zelf wel uitschakelt. Daarbij, is het argument: er zijn al zo veel wapens in handen van burgers (meer dan één vuurwapen per burger), dat regulering geen zin meer heeft. Het land is simpelweg te zwaar bewapend om nog ongewapend te zijn.

„Amerika zit propvol vuurwapens die eenvoudig te verkrijgen zijn”, zei Al-Qaeda-woordvoerder Adam Yahiye Gadahn vier jaar geleden in een videoboodschap. Gadahn was in de VS geboren en werd dit jaar gedood door een droneaanval. Hij gaf tips om in de VS aan wapens te komen: „Je kunt naar een plaatselijke wapenshow gaan en thuiskomen met een volautomatisch geweer, meestal zonder je te identificeren. Waar wachten jullie nog op?”

Niet op de terreurlijst

Vrijwel alle terroristen die de afgelopen jaren toesloegen in Amerika, waren geen lid van een netwerk, ze handelden min of meer op eigen houtje. Dat baart Obama zorgen. „Zelfradicaliserende” individuen zijn moeilijker in kaart te brengen en kunnen nog eenvoudiger aan vuurwapens komen. Ook Farook en Malik stonden niet op een terreurlijst. Hetzelfde geldt voor extreem-rechtse terroristen, vertelt JJ MacNab. Zij is als terreuronderzoeker verbonden aan de George Washington University. „Vroeger waren ze lid van milities of paramilitaire organisaties. Ze zijn steeds meer op eigen houtje gaan werken. De ideologie zoeken ze zelf bij elkaar op internet, en in je eentje val je minder op.”

Het gaat om zo’n honderdduizend geradicaliseerde burgers met antioverheidsideeën, die bereid zijn geweld te gebruiken. Een week voor de aanslag in San Bernardino schoot Robert Dear drie mensen dood bij een Planned Parenthood-kliniek in Colorado Springs. Hij leidde een eenzaam leven en was niet in beeld bij de FBI. Dear was tegen abortus en riep mensen op internetfora op zich tot het christendom te bekeren.

De dreiging van individuen is relatief nieuw voor Amerika. President Obama wil de controle op de aanschaf van vuurwapens strenger maken. Het is bizar, zei hij, dat mensen die bij vliegtuigmaatschappijen op de zwarte lijst staan, in hun lokale wapenwinkel kunnen kopen wat ze willen. Maar iedere maatregel heeft radicaal overheidsingrijpen nodig – en dat is bijna onmogelijk in het huidige politieke klimaat.