Experimenteren met een golf van geld

Sinterklaas bestaat en hij zit in Frankfurt. De Europese Centrale Bank heeft ‘het onconventionele geldbeleid’ donderdag nog onconventioneler gemaakt. President Mario Draghi en zijn 25-koppige bestuur kopen nog langer leningen van overheden op. Het doel: geld nog goedkoper maken, de geldontwaarding (inflatie) opjagen en zo de Europese economie redden van langdurige stagnatie door een neerwaarste spiraal van te veel besparingen en te weinig bestedingen en investeringen. Geld moet acht jaar na het begin van de kredietcrisis nog steeds harder gaan rollen.

Het beleid van centrale banken sinds 2007 stuurt geldgolven over de wereld zoals we niet eerder zagen. En hierbij geldt: gezond verstand gaat u bij de beoordeling van dit beleid niet helpen. Dit gaat al snel de pet te boven.

Van de door mensen met gezond verstand voorspelde rampen en doemscenario’s bij dit beleid (zeepbellen, hoge inflatie, verrotte banken en leningen op de boeken van onze heilige centrale banken) is tot nu toe niks uitgekomen. Dat kan zijn omdat die rampen pas zichtbaar worden als de geldgolf zich ooit terugtrekt. Dat kan ook zijn omdat het beleid gewoon goed en nodig was. Twee positieve effecten (is de inschatting van velen) van de brandkraan met geld tot nu toe: een lage koers van de euro (goed voor de export) en aantrekkende kredietverlening in Zuid-Europa.

Om het nog surrealistischer te maken zijn er economen die zeggen dat het geldbeleid niet onconventioneel genoeg is. Zij zeggen: stort geld rechtstreeks in de hand van elke burger. UITGEVEN MENSEN!

Ik neem de economen die betogen dat ruimhartig geldbeleid nodig is (Larry Summers, Coen Teulings, Bas Jacobs) te serieus om deze analyse van de hand te wijzen. Deze economen betogen ook dat de financiële markten eigenlijk naar overheden schreeuwen: investeer! Maak schuld! Geef je geld uit! Wij betalen jullie wel. En we vragen er een schijntje rente voor terug.

De geld-economen maken een overtuigende analyse, maar ik word een tikje bang van de zekerheid waarmee ze dit betogen. Want wat hier gebeurt is het grootste experiment aller tijden. Pas over een jaar of twintig zullen we terugkijken en weten wat te denken, schat ik. Of het beleid economisch gezien goed was dus.

Intussen zijn de politieke risico’s groot. Ik vrees de dag dat de PVV’s van Europa hun pijlen richten op de ECB. Dat het beleid van de ECB de kop van jut wordt. Want dit beleid straft spaarders (u en ik, pensioenfondsen) en beloont leners.

De potentiële politieke boemerang in (Noord-Europese) landen met veel spaarzin klinkt zo: de ECB verkwist ons geld, speelt met de hardheid van onze munt, met de waarde van onze pensioenen en belast impliciet ons spaargeld, allemaal om Zuid-Europa te redden. U weet wel, die mensen met een gat in hun hand. Veel meer heb je niet nodig om grote verontwaardiging aan te wakkeren. En om die analyse te volgen is gezond verstand wél voldoende.

Gek is die redenering bovendien niet, want Jens Weidman en Klaas Knot, onderdeel van het ECB-bestuur en de centrale bankiers van Duitsland en Nederland, zijn tegen het brandkraanbeleid van de ECB. Openlijk. Duitsers vinden het beleid zelfs zo erg dat ze al naar de rechter stapten (en verloren). Onderschat dit sentiment niet.

Als grote groepen Europeanen zich keren tegen de ECB, het instituut dat met zijn geloofwaardigheid de hoeksteen van de economie stut – onze munt – dan zijn de gevolgen niet gering. De grootste positieve verrassing van deze financiële crisis is dat we nimmer het vertrouwen in onze centrale banken en onze munt verloren. Laten we dat vooral zo houden.