Column

De zorg van de burger moet de politici meer dan een zorg zijn

Dat was nieuw. Van de 382 Nederlanders die de afgelopen weken tegenover deze krant hun mening gaven over de stand van Nederland vroegen er 228 om anonimiteit. Sommigen verwezen naar scheldpartijen op sociale media, zoals Twitter.

Dat is een moderne paradox. Burgers hebben meer mogelijkheden dan ooit om zich te uiten op sociale media, maar zij koesteren meer dan ooit de anonimiteit.

De angst voor een schervengericht sluit naadloos aan bij de uitkomsten van de kwartaalonderzoeken van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) naar burgeropvattingen. Zorgen over de manier waarop wij met elkaar omgaan zijn bij het SCP al jaren koploper.

Wie de stand van het land onderzoekt zo kort na de zwaarste economische crisis na 1945 stuit vanzelfsprekend op malheur. Maar de zorgen gaan minder over werkloosheid en stagnerende lonen dan je vooraf zou denken. Criminaliteit als brandpunt is op zijn retour.

Politiek gezien is het opmerkelijk dat VVD-kiezers hun leider Rutte trouw blijven, maar dat PvdA-kiezers met de voeten stemmen. Rutte krijgt de bonus voor de continuïteit van zijn kabinet, de PvdA wordt bestraft voor het gevoerde beleid.

Bovenaan de urgente zorgenlijst staan de gezondheidszorg en de toestroom van migranten. Zij weerspiegelen het gevoel dat de burger de greep op zijn omgeving verliest.

In het klein in de zorg, met name de ouderenzorg. Je let even niet op, dan blijkt alles anders. Een burger zegt:„Er zijn nog wel potjes, maar waar zijn ze, waar moet je aankloppen?” In het groot, in de toestroom van asielzoeker, voelt de burger dat ook politici er geen greep op hebben.

Een wezenlijk aantal Nederlanders verlangt naar het vroegere ziekenfonds en het brede vangnet van de verzorgingsstaat dat er gewoon was als je het nodig had. Keuzevrijheid (zorgpolissen, energie) is keuzestress, digitalisering geen heil, maar een handicap.

Hier botsen opvattingen over de ordening van de samenleving, zoals die ook naar voren komen in SCP-rapporten. Hogeropgeleiden zijn gecharmeerd van meer keuzevrijheid en staan bijvoorbeeld positiever tegenover de Europese Unie dan lageropgeleiden. Wat hen in ons onderzoek verenigt, is een gevoel van teleurstelling. Dat hun kinderen bijvoorbeeld een mindere toekomst hebben dan zij zelf hadden.

Het onderzoek legt bloot dat overheid en burgers verwachtingen van elkaar hebben die niet kloppen. De overheid denkt dat elke burger zelfredzaam is en die vrijheid koestert. Dat is niet zo. Maar dat leidt bijvoorbeeld wel tot afschaffing van de blauwe belastingenvelop en de afkondiging van het elektronisch loket. Eén oplossing voor allen.

Daar komt bij dat de overheid en talloze verzelfstandigde instanties de burger soms in beleidstaal aanspreken. Niet in het Nederlands. En dat zij ook genadeloos kunnen reageren als de burger niet aan hun deadline voldoet.

Op hun beurt hebben burgers verwachtingen van de overheid die onhaalbaar zijn. Uitbreiding van de collectieve sector en een hogere belasting- en premiedruk zijn niet de oplossing. Versimpeling van regels, zodat de uitvoering minder omslachtig kan zijn, moet met urgentie ondernomen worden.

Maar naast de misplaatste verwachtingen, de onzekerheden en de zorgen blijken Nederlanders ook wel opgetogen. In hun eigen leefwereld bekennen burgers zich tot particuliere blijheid. Om persoonlijke ervaringen, zoals met (klein)kinderen of liefde. En zij zetten zich in voor anderen. Dat is burgerzin, dat stemt optimistisch.