Column

Zal ik jou eens even lekker uitrollen?

Wekelijks rekent Japke-d. Bouma af met jeukwoorden op kantoor.

Van alle jeukwoorden op kantoor moet ik om „uitrollen” altijd het hardste lachen. Dat iemand zegt dat hij iets gaat „uitrollen”, maar dat dan nergens tapijt, pleepapier, pizzadeeg of behang te bekennen is – kan het maller?

Zo kwam ik op het web een fitnessketen tegen die de „Salesforce Service Cloud gaat uitrollen”, trof ik allerlei mensen die „nieuwe eindgebruikerprogramma’s gaan uitrollen” en werd er „commerciële ondersteuning gevraagd bij het (nog??) verder uitrollen van de afdeling media solutions” – en dan maar duimen dat overal tabletjes tegen wagenziekte aanwezig zijn.

Maar het allermalste is natuurlijk de „uitrol” – het zelfstandig naamwoord van uitrollen. Een soort koprol, maar dan leniger (denk ik). Zo zochten ze ergens een docent die verantwoordelijk moet worden voor „de actieve uitrol van één van de vier speerpunten binnen de faculteit” – dan hoop je maar dat er een verbanddoos aanwezig is. Ook gezien: de „wereldwijde uitrol”, de „risicovolle uitrol”, de „succesvolle uitrol”, de „kansrijke uitrol”; en de mooiste: de „massale uitrol” hoewel je er natuurlijk weer niet aan moet denken dat je eronder komt.

Jongens, hou eens op met dat gerol op kantoor – het slaat nergens op. Want wat doe je als je iets hébt uitgerold? Rol je er dan weer iets nieuws overheen, of ruim je de oude rommel eerst netjes op? Sommige bedrijven zeggen: we zijn een concept aan het uitrollen, iedere dag opnieuw. Maar zo werkt het natuurlijk niet. Je kunt niet aan het uitrollen blijven.

Ik vraag het me in ieder geval altijd af: hoe het met al die „commerciële strategieën, „merken”, „internationale ambities”, „partnerkanalen” en „pilots” is, die in het verleden allemaal zijn uitgerold. Rollen die nog steeds, of liggen die inmiddels platgetrapt achter de plinten?

Het is ook gewoon te moeilijk op kantoor, uitrollen. Ik ben bang dat mensen dat onderschatten, maar iedereen die weleens vloerbedekking gelegd heeft, weet dat je bij het uitrollen áltijd gedoe hebt om geen hobbels te krijgen. En als je niet uitkijkt (en wie doet dat nou op kantoor) rolt-ie ook nog de verkeerde kant op.

Je moet ook eigenlijk de hele ruimte leegmaken voor je iets gaat uitrollen, en het vervolgens millimeter voor millimeter doen, vooral aan het begin, omdat je anders aan het einde van je uitrol een enorme afwijking krijgt. Maar in de praktijk is daar natuurlijk nooit tijd voor op kantoor, moet het gewoon langs en over de bureaus, de printers en de kroketten, en ligt alles weer scheef – en je krijgt het natuurlijk nooit meer netjes terug op de rol.

En dan is er nog de teleurstelling ná de uitrol. Want alleen de mensen die de boel uitrollen weten precies wat er in die rol verborgen zit. De rest ziet het pas als ze uitgerold zijn met hun rode loper. En iedereen er met zijn modderpoten overheen komt stampen.

Uitrollen is het nieuwe doorpakken, zei een van mijn dierbare twitteraars. Maar ik zeg: we stoppen HIER met die rol. Want hoe spannend en dynamisch het ook klinkt om SAMEN iets uit te rollen – uiteindelijk gaat uitrollen over in platwalsen en geloof me, daar wil niemand bij zijn.