Waterlijken

Hoe vaak heeft Stefanie de route al gelopen, de verschrikkelijke weg naar de dood? Waarschijnlijk al vele malen. Het is ook niet ver, van de Rechtboomsloot, vlakbij de Nieuwmarkt in hartje Amsterdam, naar de Oudeschans. Binnen een paar minuten is Stefanie op de plek waar alles ophield. Waar het leven van haar vriend Chris eindigde en dat van haar nooit meer hetzelfde zal zijn. 24 jaar is geen leeftijd om dood te gaan, zeker niet als je gezond bent, zin in het leven hebt, gezellig samen bij vrienden in Amsterdam logeert. 

Het overkwam Chris Nelson, een Schotse hipster met rood gezichtshaar. Ging na een avondje stappen nog een blokje om, sigaretje roken. Zijn vrienden en vriendin vonden het niet raar, Chris deed dat wel vaker. Maar op de vroege ochtend van 15 november keerde hij niet terug en deze week werd hij gevonden in het water van de Oudeschans.

Hoe komt zo’n jonge man in het water? Daarom denk ik aan Stefanie, zomaar een blond meisje met een raadsel zonder oplossing, een wreed vraagteken voor de rest van haar leven. Een uitroepteken zal ze vermoedelijk nooit krijgen. Nóg maar een keer lopen. Wat zag Chris? Oude huizen met trapgevels in het ochtenddonker, het schijnsel van lantaarns tegen herfstige takken.

Langs het water liep hij naar het water, dat staat vast. Langs het water dat overal in Amsterdam mensen opslokt, ieder jaar weer, minstens een keer per maand.

De grachten geven, de grachten nemen, net als de zee. Het Venetië van het Noorden geniet van zijn grachten, ze lokken toeristen én ze zijn een sluipmoordenaar, een veelarmig monster dat fascineert. Stadse legenden worden gretig verteld. Verhalen in de cafés over wildplassers, over dronken mannen (meestal zijn het mannen) die tijdens het pissen in de gracht voorover vallen om weken later als gevolg van gasvorming in hun buik naar de oppervlakte te komen. In veel gevallen is de gulp evenwel dicht als de waterpolitie een waterlijk vindt. Werden ze geduwd? Niet waarschijnlijk. Zelfmoord? Meestal niet. Horrorverhalen over afgesleten nagels: vlak voor de dood probeerde de ongelukkige tegen de kant op te klimmen. Je wil niet denken aan wat Stefanie nu allemaal denkt.

Het koude water, stijve spieren, dan niets meer. ‘Waterlijken’ is een prachtig woord voor iets wat altijd weer hoge scores haalt op parool.nl. De Amsterdammer leest er graag over. Mix van compassie en morbide interesse. Het is ons water, ons mooie, vervloekte water.

Speurhonden brachten de Keizersbrug in beeld: die zou Chris Nelson al rokend zijn overgestoken op die verschrikkelijke zondagochtend. Op een brug vang je meer wind en het stormde, maar dan nog: stevige niet-dronken twintigers waaien niet snel van een brug.

Misschien staat Stefanie nu op de brug en vraagt ze het zich allemaal af. Stefanie en haar wrede vraagteken. Je kunt de grachten dempen met de vragen die door de eeuwen heen zijn gesteld en nooit beantwoord. Arme Stefanie. Met haar vragen blijft ze straks in Schotland achter, eenzaam als de Weduwe van Amsterdam.