Kunstnieuws als barometer

Ashraf Fayadh toonde twee jaar geleden op de Biënnale van Venetië wat Saoedi-Arabië te bieden heeft als kunstnatie. Enthousiast vertelde hij over „de transformatie van kunst” in dat land, en over „een nieuwe generatie”.

De Saoedische autoriteiten toonden zich niet dankbaar. Een maand later werd Fayadh opgepakt door de religieuze politie. De dichter, kunstenaar en tentoonstellingsmaker is inmiddels ter dood veroordeeld. Vergrijp: niet geloven in God.

De kunstwereld toont zijn afschuw, in onder meer The Art Newspaper, haar belangrijkste krant. Tegelijkertijd jubelt die krant over ander kunstnieuws uit het Midden-Oosten. Het Museum voor Contemporaine kunst in Teheran exposeert voor het eerst sinds de revolutie van 1979 de verzameling van Farah Pahlavi, de derde echtgenote van de in 1980 overleden Sjah van Perzië. Haar collectie, bij de machtsovername geconfisqueerd door het islamitische regime, bevat topwerken, zeker als de kunstmarkt als maatstaf dient. Warhols, een Giacometti, een grote Rothko, kenmerkende drup-Pollock en een prachtige Francis Bacon. Geschatte waarde van de collectie: zo’n drie miljard dollar.

De krant ziet de expositie in het licht van het akkoord dat Iran met het westen heeft gesloten. Meer openheid. Dat betekent niet dat de repressie minder wordt, legde Midden-Oostenkenner Carolien Roelants onlangs nog uit in deze krant. Zo heeft Iran dit jaar al 694 veroordeelden ter dood gebracht, op weg naar een record. Het imago van beide landen verandert wel. Had de burgemeester van Rotterdam tien jaar geleden nog zonder protest naar Saoedi-Arabië kunnen gaan, nu ligt Aboutaleb onder vuur. Was hij naar Iran gereisd, dan zou dat een stap op weg naar betere verhoudingen heten. Kunstnieuws fungeert bij dit soort imagokenteringen als barometer.

De voormalige ‘sjahbanoe’ Pahlavi is overigens blij met de expositie. Dertig jaar lang heeft ze zich zorgen gemaakt over de conditie van de werken. Die blijkt uitstekend. Ze vertelde een journalist van Vanity Fair dat ze in de afgelopen dertig jaar af en toe anoniem naar het museum had gebeld, als ‘studente kunstgeschiedenis’. Ze wilde de conservatoren op het hart te drukken hoe groot het belang van de kunst in hun kelder is. En nee, ze maalt er niet om dat de naakten niet op zaal mogen, hoe abstract de naaktheid ook is geschilderd.

Maf, natuurlijk. Overigens heeft ook de grote westerse mogendheid Amerika moeite met abstract naakt. Toen onlangs een Modigliani werd geveild, vervaagden alle grote tv-netwerken de schaamstreek in hun nieuws. Wie het hele schilderij wil zien, moet het internet op. Of naar China. Over veranderende machtsverhoudingen gesproken.