Filantropie Zuckerberg stuit op begrijpelijk wantrouwen

Ondernemer, miljardair, filantroop. Mark Zuckerberg, oprichter van Facebook, schenkt naar eigen zeggen 99 procent van zijn vermogen aan het goede doel. Daarmee bewandelt hij een pad waar velen hem voorgingen. De Bill and Melinda Gates-Foundation, geschraagd door de miljardenwaarde van Microsoft, zet zich al jaren in voor goede doelen, waarbij de bestrijding van malaria het meest bekend is. Miljardair Warren Buffet sloot zich bij hen aan. In Nederland is er sinds 2001 de VandenEnde Foundation voor de stimulering van de belangstelling voor cultuur en cultureel ondernemerschap. In Den Haag staat al ruim een eeuw het Vredespaleis dat werd betaald door de Amerikaanse staalmagnaat Andrew Carnegie en nog steeds wordt beheerd door de stichting die zijn naam draagt. De Bernard van Leer Foundation zet zich al sinds 1949 in voor de kansen en ontwikkeling van jonge kinderen.

Zo zijn er veel, veel meer. De gedachte achter dit soort initiatieven is lovenswaardig. De samenleving heeft de ondernemer in staat gesteld fortuin te maken, met inzet van zijn of haar talent, initiatief en werklust – en niet zelden met nét dat kleine beetje geluk op het juiste moment. En voor die samenleving wordt nu wat teruggedaan.

Dat deze bijdrage aan het publieke goed afhangt van de voorkeur van het individu in kwestie is geen bezwaar – mits een eventueel fiscaal voordeel niet dermate groot is dat de samenleving indirect te veel meebetaalt aan een voorkeur die niet per se de hare is.

Zuckerbergs belofte, gedaan na de geboorte van zijn dochter, herbergt een enorm potentieel: zijn vermogen is omgerekend rond 42 miljard euro waard – zes euro per aardbewoner. Tijdens zijn leven zal daarvan 99 procent worden besteed aan filantropie.

Het nieuws heeft inmiddels niet alleen tot goedkeurende reacties geleid, maar ook tot scepsis. Voor een deel hangt dit samen met het fenomeen Facebook zelf – een onderneming die meer dan een miljard gebruikers hun leven met anderen laat delen en tegelijkertijd als dataverzamelaar vaak op een sluimerend wantrouwen bij diezelfde groep stuit.

Die dubbele ontvangst geldt kennelijk ook voor Zuckerbergs mededeling. Het is aan hem om dit wantrouwen weg te nemen. Om uit te leggen waarom niet voor de stichtingsvorm wordt gekozen, maar voor een bedrijfsvorm met een mogelijke winstdoelstelling. Om duidelijk te maken dat dit geen initiatieven zijn die uiteindelijk vooral Facebook en de achterliggende filosofie materieel ten goede komen. Mocht dit laatste toch het geval zijn: even goede vrienden. Maar als onbaatzuchtigheid uiteindelijk niet het gehele motief blijkt, dan moet dit initiatief dit aura ook niet willen dragen.