Topsporter-vluchteling kan in Nederland gaan trainen voor Rio

Als ‘gewone’ vluchtelingen met sport kunnen worden begeleid, geldt dat eens temeer voor gevluchte topsporters.

Topsporters onder vluchtelingen van over de hele wereld zullen zich op het nationale sportcentrum Papendal, nabij Arnhem, kunnen voorbereiden op de Olympische Spelen, komende zomer in Rio de Janeiro. Sportkoepel NOC*NSF gaat daarover afspraken maken met het Internationaal Olympisch Comité (IOC).

Het IOC stelt twee miljoen dollar beschikbaar voor sportactiviteiten in de vluchtelingenopvang in Europa. NOC*NSF stelt de hoogwaardige faciliteiten van Papendal beschikbaar.

Het voorstel om topsporters op de vlucht onderdak te bieden is vorig weekeinde door voorzitter André Bolhuis besproken met het IOC. Het gaat specifiek om sporters voor wie het onmogelijk is geworden voor hun geboorteland uit te komen. Vluchtelingen hebben geen kans om mee te doen aan de Spelen, omdat ze geen thuisland en geen nationaal comité hebben om hen te vertegenwoordigen. Zij mogen onder de olympische vlag deelnemen. Dat is een maand geleden, na een resolutie van het IOC en het Braziliaanse organisatiecomité van de Spelen, besloten door de Verenigde Naties.

Het is vaker voorgekomen dat sporters onder de olympische vlag aan de Spelen deelnamen. In 1992 gold het bijvoorbeeld in Barcelona voor Joegoslaven, vanwege de Balkanoorlog.

Het IOC heeft laten weten graag te willen ingaan op het aanbod van Nederland. De details worden binnenkort uitgewerkt. Dan wordt duidelijk welk bedrage het IOC voor de vluchtelingenopvang op Papendal over heeft.

Het IOC heeft 100.000 dollar aan Nederland toegezegd voor algemene sportbeoefening door ‘gewone’ vluchtelingen in de opvangkampen. NOC*NSF gaat binnenkort met het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) en Vluchtelingenwerk Nederland bespreken welke sportactiviteiten in asielzoekerscentra daarvan betaald kunnen worden.