Topmannen Gazprom voor rechter wegens smeergeld

Voor het eerst komt corruptie in de top van het door het Kremlin gestuurde gasconcern voor een West-Europese rechtbank.

Het logo van Gazprom voor het Russische regeringsgebouw.

Voor de rechtbank in het Zwitserse Bellinzona begint vandaag het proces tegen twee topmannen van het Russische gasconcern Gazprom. Ze worden beschuldigd van het aannemen van 7,4 miljoen dollar (6,9 miljoen euro) smeergeld, valsheid in geschrifte en witwassen.

Het is voor het eerst dat in West-Europa strafrechtelijk actie wordt ondernomen tegen corruptie in de top van het door het Kremlin gestuurde gasconcern, het grootste ter wereld.

In ruil voor het smeergeld zou de opdracht voor de bouw van gasturbines voor vijf compressorstations van de Jamal Europe-leiding naar een dochterbedrijf van Siemens zijn gegaan. Door de pijpleiding pompt Gazprom jaarlijks zo’n 32 miljard kuub Russisch gas via Wit-Rusland en Polen naar Duitsland.

Samen met de twee Russen staan een Fransman en een derde Rus terecht. Zij zouden betrokken zijn bij het opzetten van het smeergeldtraject. De topmensen van Gazprom kregen betaald voor nepadviezen. De ‘adviesvergoedingen’ werden tussen 1999 en 2010 betaald via brievenbusfirma’s op Cyprus, de Britse Maagdeneilanden en de Bahama’s, en belandden op bankrekeningen in Letland en Zwitserland. Het Zwitserse OM legde beslag op 5,3 miljoen Zwitserse frank (4,8 miljoen euro). Dat blijkt uit de dagvaarding van het OM.

Het gaat om de topmanagers Bogdan Boedzoeljak (69), tot 2008 lid van de raad van bestuur van Gazprom, en zijn plaatsvanger Aleksandr Sjajchoetdinov (56). Die laatste is nog steeds verantwoordelijk voor pijpleidingen en ondergrondse gasopslag.

Boedzoeljak kreeg bij zijn terugtreden een decoratie van Vladimir Poetin. Hij was dit jaar nog actief binnen het concern als een van de directeuren van de in Amsterdam gevestigde Gazprom-jointventure Blue Stream Pipeline Company. Dat is de exploitant van een andere gasleiding, die van Rusland, via de Zwarte Zee, naar Turkije loopt.

De openbaar aanklager besloot eerder om het bedrijf dat het smeergeld betaalde, het Zweedse Siemens Industrial Turbomachinery AB (SIT), niet te vervolgen. In ruil gaf Siemens de feiten toe en droeg het de verkregen winst van 10,6 miljoen dollar (10 miljoen euro) af aan de Zwitserse staat. Ook doneerde Siemens 125.000 Zwitserse frank (114.600 euro) aan het Internationale Rode Kruis.

De omkoperij begon volgens de Zwitsers eind jaren 90 toen SIT nog niet van Siemens was. SIT was deel van het Zwitsers-Zweedse concern ABB, later van het Franse Alstom en vanaf 2003 van Siemens. De eigenaren wisselden maar de corruptie bleef, volgens de Zwitsers.

Justitie ziet beide Russen als ambtenaren omdat de Russische staat een meerderheidsbelang heeft in Gazprom. Het omkopen van buitenlandse ambtenaren is al sinds 2000 strafbaar in Zwitserland. De Gazprom-verdachten zijn de eerste buitenlandse ambtenaren die daadwerkelijk voor de rechter belanden.

De advocaten bestrijden dat hun cliënten ambtenaar zijn. Bovendien zouden ze echte adviezen hebben gegeven. Ook zou het onderzoek „politiek gemotiveerd” zijn.

Voordat de inhoudelijke behandeling vandaag kan beginnen moet er een taalprobleem worden opgelost. De procestaal is Duits, maar drie van de vier advocaten komen uit het Franstalige Genève. Twee van hen spreken geen Duits.

De rechtbank heeft zeven dagen uitgetrokken voor het proces.