Noodrem ontwricht thuiszorg

De zwarte piet gaat van hand tot hand. Wie is verantwoordelijk voor het feit dat de commerciële zorgonderneming TSN Thuiszorg vrijdag uitstel van betaling heeft aangevraagd? Daardoor moeten 12.000 medewerkers voor hun baan vrezen. Ongeveer 40.000 cliënten vragen zich af: hoe moet ik verder? En honderden gemeenten moeten een nieuwe oplossing zoeken voor deze zorg.

Het uitstel van betaling van TSN Thuiszorg is een extreme, maar aangekondigde beslissing. Het bedrijf had meermalen gewaarschuwd voor de tarievenslag van gemeenten en zijn daaropvolgende verliezen. TSN verlaagde in reactie daarop eerder dit jaar de lonen van eenderde van het personeel, een ongehoorde maatregel die twee weken geleden door de rechter is verboden. Nu stopt het bedrijf. Eerder dit jaar trokken twee andere thuiszorgaanbieders, met samen 3.750 werknemers, ook aan de noodrem.

De decentralisatie van de thuiszorg, die in 2007 serieus op gang kwam, gaf gemeenten de vrijheid om de zorg naar eigen inzicht en begroting te regisseren. Meer toegesneden op de situatie van de burger, minder verspilling, goedkoper. De realiteit is teleurstellend gebleken. Eerst kwamen de wachtlijsten, toen fusies en overnames (daardoor is TSN ook zo groot geworden). Vervolgens ontstond de bureaucratie bij aanbestedingen, de prijzenslag bij nieuwe contracten en de voortdurend afbladderende banen. Dat is al met al een trieste opsomming.

De huishoudelijke thuiszorg én de teloorgang zijn niet onvermijdelijk als een natuurramp, ze vloeien voort uit politieke, economische en maatschappelijke keuzes. Allereerst is het niet vanzelfsprekend dat deze thuishulp wordt vergoed. In verschillende Zuid-Europese landen kent men dat niet. De keuze van Nederland om het wél te doen, tendeert naar de overheidsbemoeienis in Scandinavië.

Het is een politieke keuze geweest om gemeenten de regie te geven. Zoals het ook een politieke keuze in gemeenten is welke prijs men wil betalen voor de geleverde zorg. En het is een economische keuze van de aanbieders of men er mee door wil gaan.

De uitkomst van deze keuzes schiet nu duidelijk te kort. Goede hulp en fatsoenlijke tarieven moeten het uitgangspunt zijn, juist voor lokale bestuurders die dienen te weten dat burgers veel prijs stellen op adequate zorg. De complexiteit van verantwoordelijkheden en geldstromen in de gezondheidszorg lijkt ook hier een rol van betekenis te spelen. Dat is uitgesmeerd over gemeenten, rijksoverheid, zorgverzekeraars en burgers.

Als deze complexiteit rationele keuzes in de weg staat, dan is het de hoogste tijd deze knopen te ontwarren.