Iraniërs eren hun dichters met een selfiestick

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt elke week de feiten van de hypes.

Het mausoleum van dichter Hafez in de Iraanse stad Shiraz.

Eigenlijk had ik deze week willen schrijven over de Palestijnse dichter Ashraf Fayadh, die zojuist wegens geloofsafval in Saoedi-Arabië ter dood is veroordeeld. Dichters zijn gevaarlijk: in Qatar zit sinds 2011 een dichter vast die aanvankelijk tot levenslang en later tot vijftien jaar gevangenis is veroordeeld wegens belediging van de emir. Onder meer had hij het gehad over „sjeiks die zich op hun playstations vermaken”. Vinden sjeiks niet leuk, nu alles wat op kritiek kan lijken duizendvoudig via internet wordt versterkt.

Maar ik was in Iran, waar dichters in hoog aanzien staan, althans middeleeuwse. Kunt u zich voorstellen dat u in het weekeinde met uw selfiestick naar Amsterdam gaat om u te vereeuwigen voor het standbeeld van Vondel? De Iraniërs doen het: zij gaan massaal naar het mausoleum van Saadi of Hafez in Shiraz om hun geliefde dichters te eren.

Dat betekent niet dat de Iraanse autoriteiten meer dan de Arabische respect hebben voor vrijheid van meningsuiting. Ik heb al eerder geschreven dat de repressie het afgelopen jaar is gegroeid. Het machtige conservatieve deel van het regime wil duidelijk maken dat er geen sprake kan zijn van sociale en politieke liberalisering onder invloed van het nucleaire akkoord met de internationale gemeenschap. En dat president Rouhani er niet over hoeft te píékeren dat hij op dat nucleaire akkoord kan voortzeilen naar een pragmatischer bewind in Iran.

De afgelopen maanden heeft de inlichtingendienst van de Revolutionaire Garde naar eigen zeggen zeker 170 journalisten, activisten, zakenlieden en gebruikers van sociale media opgepakt in het kader van de campagne tegen wat heet „een nieuwe golf van opruiing”. Rouhani is president, maar de Revolutionaire Garde (de bewaker van ideologische zuiverheid) en de rechterlijke macht vallen niet onder zijn gezag. Die worden aangestuurd door opperste leider ayatollah Ali Khamenei, die dan wel heeft ingestemd met nucleaire concessies aan Grote Satan Amerika c.s. – omdat de economie bijna instort – maar geen stap verder wil gaan.

Khamenei heeft het tegenwoordig voortdurend over Amerikaanse „infiltratie”, die als doel heeft „met behulp van geld en seksuele verlokkingen” de elite, invloedrijke personen en beleidsmakers om te kneden naar Amerikaans model. „Daarom is deze infiltratie zo’n groot gevaar”, zei hij vorige week nog in een toespraak. Zijn oplossing is de lopende arrestatiecampagne. Ik zit me nu natuurlijk wel van alles voor te stellen over die seksuele verlokkingen van Khamenei.

Terug naar het mausoleum van Hafez (1326-1390). Daar is van dit onaangename gezicht van de islamitische republiek niets te merken. Integendeel, hele families gaan er met selfiestick of met behulp van andere aanwezigen op de foto voor de tombe van de dichter die liefde, wijn en tavernes als trefwoorden hanteerde. Dat zijn natuurlijk symbolen voor liefde voor het goddelijke en zo, maar toch, maar toch. Wat een verschil met Khameneis botte preutsheid.