Brieven

Zeker niet redeloos

De neiging bestaat extremisten en fanatici te beschouwen als irrationeel. Gedreven door amper of niet invoelbare motieven. Barbaren zijn het, meer niet. Hun passie heet haat, de rede hebben zij afgeschaft, de redeloosheid op de troon gehesen, willekeur is hun handelsmerk.

In het geval van de IS-moordenaars een schromelijke onderschatting, zo niet kardinale misrekening.

Ik zie consistent, rationeel en doordacht optreden van hun kant. Aan de aanslagen in Parijs ging een reeks aanslagen vooraf. 20 juli in Turkije, Suruç. 10 oktober Ankara. 31 oktober: aanslag op Russisch verkeersvliegtuig. 12 november: Beiroet.

Wat verbindt deze aanslagen? Koerden, en in mindere mate Turken, Russen, en de strijders van Hezbollah, zij allen vechten in Syrië tegen IS. De moordpartijen in Parijs zijn zo bezien niet gericht tegen onze levensstijl, maar tegen onze bemoeienissen in de regio. Het is vergelding.

Zijn wij na ‘Parijs’ opeens ’in oorlog’, zoals politici in koor roepen? Zijn ‘wij’ pas in oorlog als wij worden aangevallen?

Nee, in de ogen van IS waren wij al in oorlog, met hen, namelijk daar ter plaatse. IS doet nu waar elke strateeg van droomt: de oorlog naar het gebied van de tegenstander brengen.

Welke ‘wij’ voeren die oorlog eigenlijk? Als het om bemoeienissen gaat, zouden Libanon en Hezbollah ook recht op een plek in de coalitie hebben. Meer recht dan Nederland, dat tot nog toe gespaard is voor IS-aanslag.

En hoe zit het met ‘de islam’? De islamisten van IS beroepen zich amper op de islam. Primair verdedigen zij hun religieus totalitaire staat in wording.

Als er straks iets ontploft in Amsterdam, dan kunnen onze politici dat niet meer afdoen als een actie van een ‘redeloze barbaren’. Daarmee pleiten zij zichzelf vrij van de consequenties van militaire inmenging.

Voorzitter van de stichting Een Ander Joods Geluid