Adele steekt nu dus een dubbele middelvinger op, hè

Collega-muzikant Wim Kerkhof (25/11) vindt dat Adele groot gelijk heeft met haar Spotify-boycot. We zouden minder moeten denken vanuit de consument. Dat schiet niet op. De consument zit namelijk allang in de driver’s seat. Er zijn nog maar weinig bedrijven die ‘de consument’ hun wil kunnen opleggen, laat staan artiesten. Maar Adele of Taylor Swift zijn in elk geval groot genoeg om een deuk in een pakje boter te slaan.

Leuk voor Adele dat ze nu een verkooprecord aan cd’s te pakken heeft, maar het voelt alsof er een dinosaurus over Times Square loopt. Voltooid verleden tijd. En erger: contraproductief voor de zo noodzakelijke hervorming van de muziekindustrie. Neem dan die andere gigant, Taylor Swift. Zij heeft door Spotify te boycotten en exclusiviteit aan Apple Music te geven tenminste iets concreets bereikt voor collega’s en de markt weer op scherp gezet. Hoe Adele haar muziek uitbrengt, moet ze zelf weten. Maar in het belang van haar collega’s had ze het tegenovergestelde moeten doen: helemaal geen fysiek product uitbrengen en – na stevig onderhandelen – exclusiviteit geven aan Spotify. Zo had ze in elk geval iets kunnen bereiken voor andere artiesten en schrijvers. Meer abonnees, betere condities. Naast een gemiste kans is wat ze nu doet dus een dubbele middelvinger: naar de consument en naar haar collega’s. Zo wordt het nooit wat.

Musicus

Schrijverspolemiek

Limburgse verdraaiingen

De schrijver Anton Dautzenberg is een vrolijke deugniet, zo’n kwajongen met een gouden hart op wie je moeilijk echt kwaad kunt worden. Maar hij maakt het al te bont door op zodanige wijze uit mijn eerder dit jaar in Nijmegen gehouden Kellendonklezing te citeren (21/11), dat het in zijn weergave lijkt of ik het tegendeel beweer van wat ik daar gezegd heb.

Zo schrijft Dautzenberg: „Met zijn lezing neemt Asscher duidelijk afstand van de geruchtmakende pleidooien van Ton Anbeek [...] en Thomas Vaessens [...] om meer engagement in de literatuur toe te laten.” Ik neem daar helemaal geen afstand van. Ik breng alleen een ordening aan in de uiteenlopende verschijningsvormen van engagement. Die vormen variëren van louter handelen (ten strijde trekken of lid worden van een politieke partij), via het schrijven van een ingezonden brief of het in een roman betrekken van een sociale of maatschappelijke misstand, tot aan wat ik in mijn lezing het hoogste literaire engagement noem: de betrokkenheid op de wereld die spreekt uit het totale literaire oeuvre van een schrijver die daarmee zijn lezers een nieuw wereldbeeld verschaft. Als voorbeelden noem ik onder anderen Charles Dickens, Franz Kafka, George Orwell. Of voor Nederland: Karel van het Reve, Hella Haasse, W.F. Hermans.

Dautzenberg verwijt mij vervolgens dat ik „niet te beroerd [ben] om een overleden auteur tot de orde te roepen”, met wie hij Jef Last bedoelt, wiens „ideeënrijke, omvangrijke oeuvre” door mij volledig genegeerd zou worden. De pointe van mijn lezing is nu juist dat Last weliswaar een bevlogen activist was, maar in onze literatuurgeschiedenis naar ik vrees terecht een marginale figuur is. Niet omdat, zoals Dautzenberg mij in de mond legt, „woorden heilig zijn en daden ordinair”, maar omdat engagement en literair engagement twee verschillende dingen zijn. Zo is uit protest lid worden van een pedofielenvereniging bijvoorbeeld zeker een uiting van engagement, maar met literatuur heeft het niks van doen.

Dautzenberg duidt mijn Kellendonklezing zonder toelichting aan als een „ietwat calvinistisch betoog”. Wanneer we die kwalificatie moeten begrijpen tegenover zijn eigen Limburgse verdraaiingen, dan ben ik geneigd dit adjectief voor deze keer als een compliment te aanvaarden.

Maarten Asscher

Correcties en aanvullingen

Salvador Allende

In Familieverdriet op scherp gezet (18/11, p. C2) en in De waarheid achter het zwijgen (25/11, p. C5) schrijven wij dat de Chileense president Salvador Allende vermoord is bij een staatsgreep. Bij een autopsie in 2011 is echter vastgesteld dat Allende door zelfdoding om het leven is gekomen.