Kabinet wil ‘boerka-boete’

De politiek probeert voor de vijfde keer om het dragen van gezichtsbedekking in het openbaar te verbieden.

Het is het vijfde wetsvoorstel over een boerkaverbod in de recente parlementaire geschiedenis – zou het er nu wel van komen? Vrijdag kwam het kabinet met een wetsvoorstel dat het dragen van gezichtsbedekkende kleding verbiedt in het onderwijs, in zorginstellingen, in overheidsgebouwen en het openbaar vervoer.

VVD en PvdA spraken in het regeerakkoord, najaar 2012, af dat er zo’n gedeeltelijk verbod zou komen. Het kabinet vindt het „van belang dat mensen elkaar in bepaalde situaties in de ogen kunnen aankijken”, zei premier Mark Rutte er eerder over. Een algeheel verbod voor alle openbare plaatsen zou niet nodig zijn. Ook in privévertrekken van zorginstellingen, zoals slaap- en verblijfsruimten, zou het verbod niet gelden.

Toch heeft het plan, gezien de tijd die er sinds 2012 over heen is gegaan om het in te dienen, niet de hoogste prioriteit van het kabinet. Of verantwoordelijk minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) er in de senaat een meerderheid voor zou krijgen is bovendien onzeker. Het CDA reageerde eerder positief, maar partijen als de SP, D66 en GroenLinks zien niks in het voorstel. En de PVV van Geert Wilders zou een gedeeltelijk boerkaverbod te slap kunnen vinden.

De belangrijkste adviseur van het kabinet, de Raad van State, was alle vijf de keren zeer kritisch en adviseerde steevast om van een verbod af te zien. „De noodzaak is niet aangetoond en zonder nadere onderbouwing is dit niet verenigbaar met de vrijheid van godsdienst”, schreef de Raad gisteren opnieuw.

Als het Plasterk toch lukt om het verbod aangenomen te krijgen, komt op overtredingen een boete te staan van maximaal 405 euro.