Column

Denk ik

Iemand stuurde mij een beschrijving van een wijn, opgetekend door de uitbater van de plaatselijke slijterij. „Heerlijk zo’n ouderwetse Zuid-Franse wijn met karakter. Rijk van smaak met een toefje stevigheid die hem zo aantrekkelijk maakt. Dit is wijn zoals wijn bedoeld is denk ik.”

Dit is de enige ontroerende wijnbeschrijving die ik ooit heb gezien. Het tekstje begint vol goede moed, met het bombast dat wijnkenners eigen is. Karakter, toefje stevigheid, aantrekkelijk, het kan niet op. De schrijver van het tekstje wil eindigen met een klinkend ‘Dit is wijn zoals wijn bedoeld is!’ Maar ergens tijdens het opschrijven van deze laatste zin is de twijfel toegeslagen. Is wijn eigenlijk wel zo bedoeld? Er zijn misschien ook mensen die vinden dat Grüner Veltliner de wijn-zoals-wijn-bedoeld-is, is. Heeft wijn überhaupt een bedoeling? Door wie wordt wijn bedoeld? En wie ben ik om hier te verkondigen hoe wijn bedoeld is?

Om van deze innerlijke discussie af te zijn heeft de slijter er ‘denk ik’ achter gezet. Zo. Een vermoeden, daar kun je niet op gepakt worden.

Het gekke is dat ‘denk ik’ ongeveer het beste is wat je kunt zeggen – het is eerlijk en het geeft aan dat je begrijpt dat je de wijsheid niet in pacht hebt. Toch is ‘denk ik’ niet wat mensen willen horen.

Vorig weekend schaafde ik een venkelknol, maar door een moment van onoplettendheid schaafde ik mijn pink mee. Dag vegetarische salade, hallo Eerste Hulp en huisartsenpost. Tijdens een van de vele medische interventies dat weekend had ik het volgende gesprek:

Ik: „Goed, dus verder is het gewoon een kwestie van aankijken?”

Medisch type: „Ja, dat kun je doen.”

Ik: „Maar is dat ook medisch verstandig?”

MT: „Ja, dat is wel een goed idee denk ik.”

Kijk, daar was de ‘denk ik’ weer! Natuurlijk had het medische type gelijk: hij wist ook niet honderd procent zeker te garanderen dat ‘aankijken’ de juiste actie was. Maar je wilt juist zekerheid, als patiënt. Dit ‘denk ik’ deed bij mij de paniek pas echt toeslaan.

Ik: „Oké, want ik zal maar even delen wat nu mijn grootste angst is: dat er een streptokok in komt en dat mijn hand dan afgezet moet worden.”

Mijn subtekst was: En nu geruststellen, medisch type! Maar nee. Hij keek mij rustig aan en zei: „Daarom is het denk ik goed om het in de gaten te houden.”