Voor Nuray is alles beter dan de bijstand

Vandaag eindigt Kracht on Tour, waarmee minister Bussemaker vrouwen aan voldoende inkomen wil helpen. In Rotterdam ontsproot zo Vrouwen in de Lift.

Nuray Acka: „Ik heb geknokt voor een diploma, dat is wat waard.” Foto Robin Utrecht

‘Alles beter dan een uitkering’, zegt Nuray Acka stellig. „Want afhankelijk wil ik niet zijn. Niet van een partner, maar ook niet van de overheid.” Acka (38) zit aan de keukentafel in haar glanzend gepoetste woning in Hillesluis. En dat decor heeft ze na zestien jaar thuis zitten eigenlijk wel gezien. „Toen mijn man en ik ons destijds verloofden, spraken we af dat hij kostwinner werd en ik thuis zou blijven. Later, toen onze twee kinderen wat groter waren, stimuleerde hij me toch om te gaan studeren. Streef naar een zo hoog mogelijk niveau, zei hij tegen me.”

Acka meldde zich in 2008 voor een hbo-opleiding maatschappelijk werk en dienstverlening. Vier jaar later zwaaide ze af, met haar diploma op zak. Ze solliciteerde, maar van een baan in Rotterdam op haar niveau kwam het niet. Heel soms was haar hoofddoek een reden voor afwijzing, maar meestal was een andere oorzaak de boosdoener: Acka heeft geen werkervaring.

Na drie jaar afwijzingen incasseren, zag ze een advertentie voor Vrouwen in de Lift. „Dat is iets voor mij, dacht ik.” Hoewel Acka financieel niets tekort komt, vindt ze het hoog tijd om op eigen benen te staan. „Ik wil mezelf en mijn kinderen kunnen onderhouden. Ik heb geknokt voor een diploma, dat is wat waard, en nu wil ik dat verzilveren.”

Van dit soort vrouwen worden de coaches van Vrouwen in de Lift heel enthousiast. Slim, hoogopgeleid, met een sterke wil om te werken. Maar ook: nul relevante werkervaring en vaak een akelig leeg cv, want ‘levenservaring’ telt niet. Marijke Vos-Maan helpt haar hele werkzame leven al vrouwen (opnieuw) de arbeidsmarkt op. Vanuit die jarenlange ervaring zette ze in april Vrouwen in de Lift op. Werkzoekende vrouwen kunnen zonder afspraak binnenwandelen bij vier loketten, verspreid door Rotterdam. Coaches met ervaring in reïntegratie en een netwerk bij werkgevers gaan met hen een traject aan. Dat gaat gepaard met veel praten, ook over persoonlijke dingen, om vooral het geloof in eigen kunnen aanwakkeren. „Het komt erop aan hun eigenwaarde te vergroten”, zegt Vos-Maan. „Want vrouwen zijn er heel goed in hun licht onder de korenmaat te zetten. Krijgen ze eenmaal dat extra zetje door die intensieve begeleiding, dan vinden ze zelf hun weg.”

In de weken die Acka ingeschreven staat bij Vrouwen in de Lift ziet ze vooruitgang. „Voor Vrouwen in de Lift dacht ik op den duur: ik heb geen ervaring, dus wat voor zin heeft solliciteren?” Dat soort gedachten praat haar coach Acka uit het hoofd. „Gek genoeg adviseerde mijn coach mij niet meteen volop te gaan solliciteren. Eerst maar analyseren wie ik ben, wat ik kan en waar ik wil werken. Zo werken we stapsgewijs naar mijn doel toe: een baan bij de reclassering. Ik geloof steeds meer dat het werkelijkheid kan worden. Waarom niet? denk ik nu. Ik heb genoeg te bieden.”

Wanneer Acka straks een baan vindt, staat ze eenmalig 3 procent van haar jaarsalaris af aan Vrouwen in de Lift. Via dit verdienmodel hoopt Vos-Maan dat het project uiteindelijk zichzelf kan financieren. Dan moeten er wel meer vrouwen de weg naar de lift vinden, want na een half jaar zitten er 45 vrouwen in een traject en zijn er drie aan werk geholpen. Het potentieel is er, want ruim de helft van alle Rotterdammers in de bijstand is vrouw. Nog eens 60.000 vrouwen verdienen niet genoeg om in hun eigen onderhoud te voorzien. Zo bezien zijn de resultaten nog niet grandioos. „Absoluut”, beaamt Vos-Maan. „Lang niet genoeg vrouwen weten van ons bestaan. Dat neemt niet weg dat ik in Vrouwen in de Lift geloof. Want iedere vrouw die we helpen om zichzelf te bedruipen, is er eentje.”