Rechtbank blokkeert uitlevering verdachten genocide

Het kan nu niet gegarandeerd worden dat de mannen in het Afrikaanse land een eerlijk proces krijgen.

Bart Stapert,de advocaat van de twee mannen. Foto Catrinus van der Veen/ANP

Twee mannen uit Nederland die verdacht worden van genocide mogen niet aan Rwanda uitgeleverd worden, heeft de rechtbank in Den Haag vandaag in een kort geding besloten. Het kan nu niet gegarandeerd worden dat de mannen in het Afrikaanse land een eerlijk proces krijgen.

Het gaat om Jean Claude I. en Jean-Baptiste M. I., al sinds 2003 in Nederland, zou betrokken zijn geweest bij een bloedbad bij de École Technique Officielle in april 1994. Hij zit al twee jaar vast. M. zou ook betrokken zijn geweest bij de volkerenmoord in Rwanda in 1994. Hij werd vorig jaar gearresteerd.

Bijna twee jaar geleden oordeelde de rechter nog dat I. wel degelijk uitgeleverd mocht worden aan Rwanda. Ook toen zei I., die zegt onschuldig te zijn, te vrezen voor een oneerlijk proces. De rechtbank ging daar niet in mee.

Nieuw rapport

Nu dus wel, en dat heeft te maken met een rapport dat in juni van dit jaar verscheen, het rapport-Witteveen. Daarin werd geconcludeerd dat onder de zogenoemde Transfer Law de verdediging voor verdachten in Rwanda ontbreekt of volstrekt onvoldoende en/of niet-gekwalificeerd is. Er zou eerst toereikende rechtsbijstand moeten komen, wil er garantie kunnen zijn voor een eerlijk proces. En die is er nu niet.

De uitleveringsrechter, zo staat in het vonnis van vandaag, had nog rekening kunnen houden met het rapport, want dat was er simpelweg nog niet ten tijde van de uitspraak. De Nederlandse Staat vond de conclusies gebaseerd op “te beperkte waarnemingen”, maar de rechter “hecht in tegenstelling tot de Staat grote waarde aan de conclusies van Witteveen”. De conclusies worden “alarmerend” genoemd.

I. en M. mogen niet uitgeleverd worden, totdat de Staat de door Witteveen genoemde bezwaren heeft weten weg te nemen, oordeelde de rechter. De advocaat van de beide mannen, Bart Stapert, zegt dat hij heeft verzocht of hun detentie naar aanleiding van de uitspraak ook opgeheven kan worden.