Makkelijker van noord naar zuid

Goed, er is wat gedoe over de afbeelding op de tegeltjes, maar bovenal is hij mooi, ruim en fris, de nieuwe fietstunnel aan de westzijde van CS. De toekomst: achter wordt het nieuwe voor.

50.000 beschilderde tegeltjes versieren de nieuwe fietstunnel bij CS. Foto Rien Zilvold

„Oooo, wat mooooi.” Een vrouw met een baretje op wijst vanaf de pakjesdrager van haar geliefde naar de muren van de pasgeopende fiets- en voetgangerstunnel onder het Amsterdamse Centraal Station. Daar prijkt sinds afgelopen zaterdag een Delftsblauw zeegezicht, bestaande uit duizenden kleine tegeltjes, geïnspireerd op de werken van de 17de eeuwse Rotterdamse tegelschilder Cornelis Boumeester.

Het tegeltableau is ontworpen door de Amsterdamse kunstenaar Irma Boom. Vijf jaar lang werkten ambachtslieden van de Koninklijke Tichelaar, een tegelfabriek uit Friesland, aan de bijna 50.000 beschilderde tegeltjes. U ziet haringvissers in grote houten boten die hun netten uitgooien op het IJ. Golven die klotsen tegen de boten. Meeuwen die vliegen boven het woelige water.

Maar dat tableau zette afgelopen dagen kwaad bloed bij enkele historici. Boom, zo ontdekten zij, had om de Amsterdammers tegemoet te komen het Rotterdamse wapen op één van de schepen vervangen door het Amsterdamse Andreaskruis. Geschiedenisvervalsing, riepen ze.

Kwaad bloed of niet, het resultaat mag er wezen. De tunnel is ruim van opzet met een breed trottoir en fietspad. Er is veel verlichting en aan het plafond hangen kleine cameraatjes. Hij ademt veiligheid en oogt fris. En dat is logisch.

Want de nieuwe doorgang is onderdeel van een groter project. Het Centraal Station – nu nog een knooppunt voor bezoekers die Amsterdam met het openbaar vervoer aan doen – moet namelijk een tussenschakel worden van de toekomstige noord-zuidverbinding. De morsige achterzijde, jarenlang een tippelzone van prostituees en een hangplek voor lispelende drugsverslaafden, wordt een waardige vooringang. Achter wordt het nieuwe voor.

Als ook de twee geplande passantentunnels af zijn kan een bezoeker in 2017 het station op zes manieren doorsteken. Zo’n nieuwe voorkant oogt natuurlijk fris. En hip. Het busstation is verhuisd naar de achterzijde en lijkt op een futuristische ufo. Taxichauffeurs hebben een vaste plek aan de achterzijde gekregen. En het rommelige autoverkeer, dagelijks goed voor vele opstoppingen en irritaties, wordt via twee autotunnels langs het station geloodst. Zo wordt de achterkant autovrij.

De IJ-zijde – een boulevard in de maak – wordt een paradijs voor fietsers en voetgangers. Een boulevard waar men fijn kan wandelen en uitwaaien. Toekomstmuziek voor nu. Wandelen gebeurt nu nog vooral met gevaar voor eigen leven. Want zodra de pont haar reizigers (onderweg naar het centrum) uitspuugt en wandelaars (wegdromend bij de tekeningen van Cornelis Boumeester) de tunnel uitlopen, is deze achterzijde een typisch voorbeeld van fietsjungle Amsterdam.