Column

Debatteren over feiten

De feiten zijn niet meer wat ze zijn geweest. Sinds de misvatting heeft postgevat dat alles een mening is, kunnen zelfs de meest evidente inzichten worden genegeerd zodra ze onwelgevallig zijn. Daar zijn veel grappige voorbeelden van te geven, zoals die Republikeinse kandidaat voor de presidentsverkiezingen in Amerika die volhoudt dat de piramides in Egypte geen graftomben zijn voor farao’s, zoals al eeuwenlang onomstotelijk vaststaat, maar graanschuren, gebouwd door Jozef uit de Bijbel. We hadden ooit ook zo’n minister van Onderwijs, Marja van Bijsterveldt, die de evolutietheorie slechts een mening vond en er op grond daarvan voor pleitte om de christelijke scheppingsmythe en het creationisme evenveel ruimte toe te bedelen in het onderwijscurriculum. Net zo zijn er mensen die in spoken geloven, die denken dat de maanlanding in scène is gezet en die denken dat economisch liberalisme welvaart en vrede brengt.

Deze voorbeelden zijn amusant omdat ze, afgezien van dat laatste, relatief onschuldig zijn. Minder grappig wordt het wanneer de toekomst van onze planeet op het spel staat. Dat er een klimaatverandering gaande is met potentieel desastreuze gevolgen die door ons mensen is veroorzaakt, is een wetenschappelijk onderbouwd feit. Eveneens is het op wetenschappelijk verantwoorde gronden onbetwistbaar dat we de opwarming van de aarde kunnen afremmen door grote haast te maken met tal van maatregelen waaronder de reductie van de uitstoot van koolstofdioxide. Toch is er sprake van een klimaatdebat. Dat kan helemaal niet. Je kunt geen debat voeren over feiten. Maar er zijn mensen die vinden dat de feiten een mening zijn en die zelf een andere mening zijn toegedaan. Deze zogenaamde klimaatsceptici zijn geen haar serieuzer dan Malle Pietje op de hei die denkt te weten dat de maan van kaas is en er is geen enkele reden om naar hen te luisteren.

Maar in Nederland zijn ze vertegenwoordigd in het parlement. De VVD heeft Kamervragen ingediend naar aanleiding van een waarschuwing van het KNMI. Afgelopen zondag gaf het meteorologisch instituut een klimaatalarm van code oranje. ‘Sinds wanneer hebben wij een klimaatalarm?’ vroeg VVD-Kamerlid Remco Dijkstra op NOS Radio 1. Hij benutte het gehele repertoire van ontkenningstrucs. Als de feiten je niet bevallen, zeg je dat ze niet kloppen. Het KNMI is een wetenschappelijk instituut met grote ervaring en een onkreukbare reputatie, maar volgens Dijkstra, die in zijn eentje alles beter weet, zijn het charlatans. Volgens hem is de waarschuwing gebaseerd op ‘10 warme novemberdagen’. Omdat hij het gezag van het KNMI niet in twijfel kan trekken, gooit hij het op hun taakopvatting. Ze hebben wel gelijk, al zegt Dijkstra dat niet, maar het is niet hun opdracht om het te zeggen. Dijkstra is namelijk ‘allergisch 4 betutteling’ volgens zijn Twitterpagina, Maar ook hier slaat hij de plank mis. Het missiestatement luidt: ‘Het KNMI adviseert en waarschuwt de samenleving om risico's op het gebied van weer, klimaat en seismologie terug te dringen en schade en letsel te beperken.’

Op dezelfde manier zoals Malle Pietje op de hei denkt te weten dat de aarde plat is, verwees een ander VVD-Kamerlid, André Bosman, een oproep van 64 hoogleraren om alle kolencentrales te sluiten naar de prullenbak. Volgens hem is het ‘een goedkoop verhaal’. Nee, het is wetenschap. Je kunt er geen mening over hebben, want het gaat om feiten.

In de Rotterdamse gemeenteraad stemde de VVD tegen de invoering van een milieuzone. Ze hadden een alternatief voorstel: het omhakken van alle bomen zodat de fijnstof beter kan verwaaien. Dat is dan wel weer grappig als het niet zo triest zou zijn.