ProRail opnieuw terechtgewezen door toezichthouder om onderhoudskosten

ProRail is door de Autoriteit Consumenten & Markt (ACM) op de vingers getikt over de variabele kosten die de spoorbeheerder in rekening brengt aan vervoerders. Het gaat om 20 miljoen aan ‘onvoldoende onderbouwde variabele onderhoudskosten’, van de in totaal 330 miljoen die ProRail jaarlijks ontvangt van die vier vervoerders voor gebruik van het spoor.

Het is de tweede keer dat ProRail in deze kwestie door de toezichthouder terecht wordt gewezen, na klachten van de regionale spoorvervoerders Arriva, Connexxion, Syntus en Veolia.

In juli constateerde ACM al dat ProRail onvoldoende duidelijk had gemaakt welk deel van de onderhoudskosten en vervangingsinvesteringen van het spoor variabel zijn.

Dit keer betreft de terechtwijzing van de ACM de onvoldoende motivering van de percentages voor variabele onderhoudskosten van spooronderdelen als overwegbeveiliging, bruggen en tunnels.

„Bij deze percentages is bijvoorbeeld de onderliggende documentatie niet meer te achterhalen. Dat is noodzakelijk informatie, ProRail mag alleen de variabele kosten in rekening brengen aan spoorvervoerders”, zegt ACM-bestuurder Henk Don in een verklaring.

ProRail krijgt tot uiterlijk 1 juni 2016 om de tarieven en de onderbouwing daarvan opnieuw aan de toezichthouder voor te leggen. (ANP)