De kracht van het woord

De Poolse nationalistische katholieken beloofden in de verkiezingscampagne een ‘morele revolutie’ en het moet gezegd, ze doen sinds hun overwinning hard hun best. Een van de gevolgen is een oorlog tussen overheid en kunstwereld.

De nieuwste rel is gecreëerd door de cultuurminister, Piotr Glinski. Hij heeft geprobeerd de première tegen te houden van Elfriede Jelineks De dood en het meisje. Reden: de regisseur had aangekondigd Tsjechische pornosterren in te zetten.

De minister wist de voorstelling niet te voorkomen, net zo min als enkele demonstranten die stampij maakten in het theater. Wel kan de minister tevreden vaststellen dat de nationale tv de interviewer heeft geschorst die hem stevig had ondervraagd over zijn poging tot censuur.

De verontwaardiging is groot, zeker in de kringen waarin ik verkeer. Ik woon hier als man van een diplomaat en in die rol kom je zelden een Glinski-stemmer tegen. De kunstenaars die ik spreek, vertellen dat de middeleeuwen zijn teruggekeerd, of: „De Taliban is aan de macht.”

Het valt me niet zwaar met ze te sympathiseren. Logisch: ik kom uit West-Europa. Censuur is uit den boze, de Taliban is niet fris, en verontwaardigde politici zijn zielenpieten. En toch wil ik de Poolse kunstenaars ook voorzichtig feliciteren. Want face it: met een paar pornoacteurs creëer je hier een nationale rel, de voorstelling gaat gewoon door (alles uitverkocht) en intussen wordt een debat gevoerd over het werk van Jelinek.

Nee, dan wij, in de Lage Landen. Schrijver Dimitri Verhulst heeft een hervertelling geschreven van een oudtestamentisch deel van de bijbel, de Thora. Preciezer: de vijf boeken van Mozes. Verhulst, katholiek opgevoed, is boos op de kerk. Gelovigen probeert hij hard tussen de benen te schoppen. God noemt hij een „meedogenloze klootzak” en de poging van de joden terug te keren naar Israël, de Exodus, heet bij hem ‘Heim ins Reich’, naar de nazicampagne om Duitsers aller landen te repatriëren. Lekker.

Maar nu het meest opmerkelijke: niemand blijkt geraakt. Zelfs het Nederlands Dagblad, krant van de kleine gereformeerde zuil, reageert niet boos, slechts teleurgesteld, in een recensie waarin het boek „puberaal” wordt genoemd.

Een interviewer van De Correspondent schrijft in een tweet dat Verhulst „voor alles de kracht van het woord verdedigt”. Nou, dat is niet niks.

Ik zie het niet. En zeker dit boek leent zich er niet voor. Als Verhulst nu beweert dat alle Nederlanders racist zijn, of zoiets, dan zal de kracht van het woord zich wellicht openbaren. God lasteren is zo afgezaagd – en krachteloos – dat zelfs de laatste gelovigen hun schouders ophalen.