Telemann verdient een jaar

Een van de rare trekjes van de klassiekemuziekindustrie is de massale viering van geboorte- en sterfjaren van componisten. In 2013 was het bijvoorbeeld 200 jaar geleden dat Wagner en Verdi geboren waren en dat werd gevierd met vele cd’s. In december is het 150 jaar geleden dat Jean Sibelius ter wereld kwam, dus hoor je al het hele jaar symfonieën van de Fin.

Ik was benieuwd wat er binnenkort voor jubeljaren aankomen en kwam tot de schokkende ontdekking dat 2017 een Telemann-jaar is. Georg Philipp Telemann, in zijn tijd beroemder dan Bach, is dat jaar 250 jaar dood. Ik ben benieuwd hoe de muziekindustrie hierop in zal spelen. Als dat al gebeurt, want Telemann (1681-1767) heeft twee problemen. Hij schreef zó veel dat we nu niet weten waar we moeten beginnen met luisteren (meer dan 3.000 werken). En belangrijker: zijn muziek lijkt net te veel op die van Bach.

Telemann, die het grootste deel van zijn leven in Hamburg werkte, was geliefd van Spanje tot Scandinavië. Händel was fan en Bach maakte hem zelfs peetvader van zijn zoon Carl Philipp Emanuel. Maar toen in de negentiende eeuw de Bach-renaissance op gang kwam, keerden Bach-liefhebbers zich tegen de muziek van Telemann. Die zou minder diepzinnig zijn en Telemann werd weggezet als veelschrijver.

En dat terwijl Telemann veel te bieden heeft. Veel van zijn muziek is warmbloediger dan die van Bach. Hij liet zich inspireren door de ‘barbaarse schoonheid’ van de Poolse volksmuziek. Telemann koppelde harmonische complexiteit aan luchtigheid en bracht stijlen uit heel Europa samen. Toch wordt Telemanns muziek nu vooral gebruikt als stoplap op de klassieke radio als er een paar minuten moeten worden gevuld met neutrale barok.

Telemann krijgt te weinig erkenning. Meer dan met de kwaliteit van zijn werk moet dat te maken hebben met wat in de psychologie het mere exposure effect wordt genoemd: het fenomeen dat mensen een voorkeur ontwikkelen voor dat waarmee ze vertrouwd zijn. Ook wie denkt niets van klassieke muziek te weten, heeft Bachs Air uit de Derde orkestsuite gehoord, of de Toccata en fuga in d-klein, een favoriet in horrorfilms. Wie zijn hele leven aan Bach is blootgesteld, zou kunnen denken dat Telemann een tweederangs Bach is in plaats van een eersterangs Telemann. Natuurlijk is er meer dan Bach, maar we hebben hem zo groot gemaakt dat we de grootheid van andere componisten niet meer horen.

Als mij zou worden gevraagd wat nou Telemanns beste werken zijn, zou ik het ook niet kunnen zeggen. Zijn Hamburger Ebb’ und Fluth? De Tafelmusik? De vioolconcerten, zijn passies, zijn blokfluitsonates? Gelukkig heb ik nog een dik jaar. In 2017 weet ik het. Beloofd.