Maker Viagra vlucht voor fiscus VS

Pfizer is niet de enige die aan de Amerikaanse fiscus ontsnapt. De VS kunnen er niets tegen ondernemen.

Presidentskandidaat Donald Trump vindt het „walgelijk”. Hillary Clinton is minstens zo boos en belooft een plan dat er korte metten mee maakt. Hun probleem: de grootste farmaceutische overname ooit die maandag werd aangekondigd. Viagra-producent Pfizer neemt de Ierse botoxmaker Allergan over voor 160 miljard dollar.

Nu hebben ze niks tegen overnames, maar wel tegen een overname als deze, een tax inversion. Een vorm van belastingvlucht waarbij een Amerikaans bedrijf (Pfizer) een concurrent in een land met lage belastingen overneemt om het eigen hoofdkantoor te kunnen verplaatsen en aan het hoge Amerikaanse belastingregime te ontsnappen. Pfizer zou hierdoor volgens de Financial Times 21 miljard dollar aan belastingen kunnen besparen. De Amerikaanse schatkist loopt een veelvoud daarvan mis. De verhuizing van Pfizer staat namelijk niet op zichzelf.

Sinds 2012 zijn zeker 20 Amerikaanse bedrijven naar het buitenland vertrokken via zo’n constructie, blijkt uit gegevens van financieel persbureau Bloomberg. Van fastfoodketen Burger King die naar Canada verkaste na de overname van koffie- en donutketen Tim Hortons tot bananenproducent Chiquita die naar Dublin vertrok na de aankoop van fruitconcern Fyffes.

De Pfizer-deal springt er bovenuit. Het is de grootste tax inversion aller tijden en de overname heeft bovendien een opvallende voorgeschiedenis. Pfizer neemt nu Allergan over, maar Allergan belandde zelf vorig jaar pas in Ierland via een vergelijkbare constructie met geneesmiddelenproducent Actavis. Actavis op zijn beurt was in 2013 in Ierland beland door de overname van Warner-Chilcott, een Amerikaanse farmaceut die in 2010 in Ierland het hoofdkantoor had opgetrokken.

Gebrek aan patriottisme

Moeten de bedrijven dan echt zo veel belasting betalen in de VS? Zij vinden van wel. Met 35 procent heeft de VS het hoogste percentage vennootschapsbelasting van de geïndustrialiseerde wereld. In populaire vluchtlanden als Ierland (12,5 procent), Canada (15 procent), het Verenigd Koninkrijk (20 procent) en Nederland (25 procent) ligt dat beduidend lager.

Daar komt bij dat de VS ook op een ander vlak uniek zijn. Het land belast winsten die Amerikaanse bedrijven in het buitenland maken (en daar al belasting hebben betaald) als ze die winsten naar de VS willen halen. Het gevolg is dat Amerikaanse bedrijven miljarden dollars op buitenlandse rekeningen laten staan.

Neem Apple: de deposito’s in het buitenland zijn daar inmiddels opgelopen tot omgerekend 175 miljard euro. Trump en Clinton zijn om verschillende redenen verontwaardigd over de Pfizer-transactie. Simpel gezegd willen de Republieken de belastingen voor bedrijven flink verlagen en de Democraten willen verdergaande maatregelen nemen om de belastingvlucht tegen te gaan.

Of die zullen werken is de vraag. President Barack Obama heeft de vertrekkers al meermalen beticht van „niet-patriottisch” gedrag en strengere maatregelen aangekondigd én doorgevoerd. Zo is bijvoorbeeld de eis ingevoerd dat het overgenomen bedrijf zeker 40 procent van het nieuwe bedrijf moet uitmaken, legt partner Christiaan de Brauw van advocatenkantoor NautaDutilh uit. Toch gaat de belastingvlucht van bedrijven door.

Veel belasting is pas treurig

„De belastingvoet is een belangrijk gegeven voor bedrijven. Ondernemingen concurreren wereldwijd, dus als jij 35 procent vennootschapbelasting betaalt en je concurrenten 12,5 procent, is het moeilijk om achter te blijven”, zo beschrijft De Brauw het zelfversterkende effect. „Ook als je moet bieden op dezelfde overnamekandidaten kunnen ondernemingen met een lager belastingtarief hoger inzetten.”

De Brauw was als advocaat betrokken bij de verhuizing van de Amerikaanse farmaceut Mylan, die sinds begin dit jaar de hoofdzetel in Nederland heeft. Ierland is weliswaar met achttien tax inversions sinds 1982 koploper, Nederland doet het met zeven stuks ook niet slecht, zo blijkt uit cijfers van Bloomberg.

Dat Mylan voor Nederland koos was volgens De Brauw een mix van factoren waarbij ook de corporate governance erg belangrijk was, in het bijzonder de Nederlandse bescherming tegen vijandige overnames.

Met gebrek aan patriottisme had het volgens Mylan-topman Robert Coury in ieder geval niks te maken, schreef hij in USA Today. Treurig, noemt hij die beschuldiging. „Maar het zou nog treuriger zijn als we activiteiten in de VS verliezen omdat we worden overgenomen of niet kunnen concurreren met bedrijven die van competitievere belastingen profiteren.”