Brieven

Delftse locatie klopt niet

In 1992 bracht ik samen met anderen De ruimtelijke ontwikkeling van het Goudse woonhuis in de late middeleeuwen (1300-1600) uit. In voorafgaand onderzoek heb ik ook naar de mogelijkheid gekeken of het Straatje van Vermeer in Gouda gesitueerd kon worden. Dit bleek niet mogelijk.

N.a.v. het nieuws dat het adres van het Straatje is gevonden – Vlamingstraat 42, Delft (NRC 19/11) – ben ik in mijn aantekeningen van destijds gedoken en vond het volgende. Van Vermeer is bekend dat hij zeer precies schilderde. Zo zijn de gevelstenen van het Straatje op de millimeter nauwkeurig op schaal geschilderd. Bij bestudering van zijn schilderijen blijkt alles goed in verhouding te zijn. Wanneer we aannemen dat de gemetselde gevelstenen 235 mm lang zijn (incl. voeg), dan is naar verhouding de zittende vrouw in de deuropening 1200 mm hoog en het bankje voor de gevel ongeveer 430 mm hoog. Van bankjes weten we dat de normale zithoogte tussen 400 en 450 mm is. Wanneer wij de hoogte van het bankje opmeten van het originele schilderij, dan blijkt deze 18 mm te zijn. Hieruit kunnen we afleiden, dat de schaalverkleining t.o.v. de werkelijkheid tussen de 22 en 25 ligt. De halve lengte van het symmetrische gevelgedeelte ter hoogte van de eerste verdieping blijkt na opmeting 155 mm breed te zijn en daarmee de totale gevelbreedte dus 310 mm. Na schaalvergroting naar de werkelijkheid van 22 en 25 zou het pand tussen de 680 en 775 cm breed zijn. Hiermee is – op basis van het precisieschilderwerk van Vermeer – de Vlamingstraat 42 (breed 628 cm) als locatie voor zijn schilderij dus vrijwel uitgesloten.

Bouwhistoricus

Commissie Stiekem

De ‘coco’ van Plasterk

Laatst ontstond ophef over ‘coco’s’ omdat het kabinet in nieuwe wetgeving een voor banken lucratieve belastingaftrek had verstopt (17/11). In de politiek werd geklaagd dat men geen detective is en helaas wordt er inderdaad vaker misleidend geïnformeerd. Aan het lekken van de commissie Stiekem (CIVD) ligt ook een coco-achtige wijze van informeren ten grondslag, die bijtijds opgemerkt werd en het vertrouwen in minister Plasterk ondermijnde. Dit alles kon echter een week later bij de motie van wantrouwen (van Pechtold) niet gemeld worden. De gevolgen zijn bekend. Diederik Samsom die na een tv-optreden elke geloofwaardigheid verloren heeft. De NRC-publicatie met gelekte informatie die de uitleg van Samsom steunt. Als klap op de vuurpijl het collectieve lek in de vorm van het eerste persbericht uit het bestaan van de cie. Stiekem. In dit unieke bericht klappen de leden van de CIVD collectief uit de school en bevestigen zij de facto de ‘coco-achtige’ wijze waarop Plasterk de commissie heeft willen informeren.

Henri Sarolea Advocaat