Alleen voor echte vrienden

Al die vrienden op Facebook en Instagram zijn niet je echte vrienden. Een nieuwe fotoapp stopt bij vijftien vrienden. Zodat iedereen zichzelf kan zijn.

‘Ik had alles, maar heb me nog nooit zo ellendig gevoeld.” Dat bekende de neggentienjarige Instagram-ster Essena O’Neill eerder deze maand huilend in een veelbesproken filmpje. Ze kondigde aan haar Instagram-account met een half miljoen volgers te sluiten. „Alles wat ik deed, ging om likes en volgers”, aldus O’Neill. „Als je je laat leiden door getallen, laat je jezelf leiden door iets wat niet puur, echt en liefdevol is.”

Het filmpje werd – ironisch genoeg – een hit. Ze raakte een snaar, want wie laat er nou nog echt iets van zichzelf zien op sociale media? We zijn voorzichtig geworden: we poseren op foto’s en wegen onze woorden voor we iets online zetten. Op Facebook delen we bovendien steeds minder, zo bleek onlangs uit een rapport van GlobalWebIndex. Afgelopen kwartaal plaatste 34 procent van de Facebookgebruikers een bericht en 37 procent een foto, tegenover respectievelijk 50 en 59 procent een jaar eerder.

Diverse bedrijven hopen een plek te bieden waar we wél weer met vrienden durven te kletsen. Eén daarvan is de Nederlandse start-up Camarilla, waarvan de gelijknamige app sinds deze week is te downloaden (alleen nog voor iOS). Op Camarilla kun je foto’s en video’s delen met maximaal vijftien contacten. De bedoeling is een afgeschermde omgeving te creëren, waar mensen zichzelf durven te zijn.

Dunbars number

Waarom vijftien? Het idee achter Camarilla is gebaseerd op onderzoek van Robin Dunbar, hoogleraar evolutionaire biologie aan de universiteit van Oxford. Volgens Dunbar hebben we ongeveer vijf beste vrienden, vijftien goede vrienden en vijftig mensen die we persoonlijk kennen. We kunnen maximaal met honderdvijftig mensen sociale relaties onderhouden. Dat staat ook wel bekend als ‘Dunbars number’ – veel minder dus dan de 338 Facebookvrienden die we gemiddeld hebben.

Nóg zo’n sociaal netwerk dat zich op het onderzoek van Dunbar baseert is Path. Path werd in 2010 opgericht door een oud-Facebook-medewerker en onderscheidde zich doordat je maximaal vijftig vrienden kan toevoegen. De redenering is dezelfde als bij Camarilla: al die ‘vrienden’ op sociale netwerken zijn niet je echte vrienden, kwantiteit gaat ten koste van kwaliteit.

Investeerders staken 77 miljoen dollar (72 miljoen euro) in Path, maar toch brak het niet door. In de hoop meer gebruikers te genereren, werd het maximale aantal vrienden in 2012 opgerekt tot 150 – het grootste aantal dat met een beroep op Dunbar te verantwoorden was. Het mocht niet baten: Path heeft op dit moment naar eigen zeggen 23 miljoen actieve gebruikers; slechts een fractie van het aantal actieve gebruikers op Facebook (ruim 1 miljard) en Instagram (400 miljoen). Enkele maanden geleden werd Path voor een onbekend bedrag overgenomen door het Koreaanse internetbedrijf Daum Kakao.

Minder vrienden, betere gesprekken?

Toch zijn er goede redenen om het aantal online vrienden te beperken. Zo blijkt uit een deze maand gepubliceerde studie in het wetenschappelijk tijdschrift Personality and Individual Differences dat mensen die intensief gebruikmaken van Facebook vaker een negatiever zelfbeeld hebben. Een andere recente studie in Cyberpsychology, Behavior and Social Networking laat zien dat het gebruik van Instagram gerelateerd is aan depressieve gevoelens. Dit verband wordt sterker naarmate je meer onbekenden volgt. Van mensen die je kent, weet je dat hun leven meer is dan alleen hun timeline, luidt een verklaring. Bij onbekenden zijn de perfect gecureerde foto’s het enige wat je van ze ziet, wat negatieve sociale vergelijkingen kan uitlokken. Positieve berichten van bekenden zouden mensen daarentegen wél vrolijk stemmen.

„Het is moeilijk om de exacte relatie tussen gebruik van sociale media en emoties aan te tonen”, zegt Dian de Vries, universitair docent aan de Universiteit Utrecht die meewerkte aan onder meer de eerstgenoemde Facebookstudie. „Veel hangt af van de mate waarin je jezelf met anderen vergelijkt.”

Toch stapelen de bewijzen zich op dat intensief gebruik van sociale media negatieve gevolgen kan hebben, zegt De Vries. „Ik maak me zorgen over het effect van Instagram-sterren op jongeren. De indruk wordt gewekt dat hun leven uitsluitend bestaat uit mooie kleren, mooie spullen, hordes vrienden en perfecte vakanties. Het kan onzekere tieners nóg onzekerder maken.”

Een optie is om sociale netwerken links te laten liggen, en in plaats daarvan uitsluitend gebruik te maken van besloten chatapps zoals WhatsApp. Bij chatapps kun je óf iemand persoonlijk appen, óf iets delen in een groep waarin iedereen alle reacties kan lezen. Camarilla probeert iets nieuws, door elementen van sociale netwerken (zoals de timeline) te combineren met een gesloten chatstructuur. Je deelt een foto in één keer met al je naaste contacten, maar de reacties zijn alleen voor jou zichtbaar. Camarilla-oprichter Constance Scholten: „Zo hoef je niet verschillende vrienden hetzelfde bericht te sturen, maar je hebt toch het persoonlijke van één-op-één communicatie.”

Geen verdienmodel

Rest de vraag: valt er geld te verdienen met dit soort apps? Sociale netwerken verdienen geld met advertenties. Dat is de reden dat je voortdurend wordt verleid om meer mensen aan je netwerk toe te voegen: adverteerders krijgen zo een groter bereik. Dat leidt vooralsnog tot uitstekende bedrijfsresultaten. Facebook boekte afgelopen kwartaal een omzet van circa 4,1 miljard euro, een stijging van 40 procent ten opzichte van een jaar eerder. De winst kwam ruim 10 procent hoger uit, op 834 miljoen euro.

Op berichtendienst WhatsApp, ook van Facebook, staan vooralsnog geen advertenties. Het is nog niet bekend hoe de app met meer dan 800 miljoen gebruikers geld moet opleveren. Ook Camarilla heeft op dit moment nog geen verdienmodel. Scholten zegt er nog niet mee bezig te zijn, maar „eerst in een behoefte te willen voorzien” voordat er aan geld verdienen wordt gedacht.