Stoere bestuurders zijn er, maar die moeten ook betaald

Illustratie Pavel Constantin

Alle grote steden sprongen bij, toen staatssecretaris Dijkhoff ‘stoere bestuurders’ nodig had om noodopvang te realiseren. Leegstaande kantoren werden in rap tempo vertimmerd tot noodopvangcentra voor vluchtelingen. De vluchtelingen die we hebben gesproken zijn dankbaar voor het veilig onderkomen. Maar maanden van noodopvang naar noodopvang vreet aan hen. Zoals een jonge man uit Eritrea, die er al vijf maanden doorbrengt, tegen ons zei: „Ik wil hier graag een bestaan opbouwen, aan het werk en mijn kind naar school. Wanneer mag dat?” Vluchtelingen mogen nu niet werken en slechts enkelen zijn gestart met taalles. Terwijl taalles bij uitstek de manier is om de slopende verveling te verdrijven. Het verzorgen van noodopvang, taalles en onderwijs zijn eigenlijk allemaal rijkstaken. Gemeenten nemen deze verantwoordelijkheden nu op zich. Sommige kinderen zijn al sinds april in Nederland en hebben nog geen dag op school gezeten. Dat gaat niet alleen in tegen de rechten van het kind, het voorkomt ook dat ze kunnen starten met integreren. Onze wethouders vullen deze leegte en maken afspraken met scholen om in de noodopvang al onderwijs te organiseren. Maar zolang onduidelijk is welke financiële middelen het kabinet uittrekt voor de noodopvang en voor integratie, kunnen we dit niet blijven verzorgen. Gemeenten krijgen korting na korting te verduren. Als de plannen van Staatssecretaris Dekker doorgaan, krijgen Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht 34 miljoen minder voor taalonderwijs. Die bezuinigingen tikken fors aan.

Als het kabinet stoere bestuurders wil, moeten die wel de middelen hebben om opvang en snelle integratie te realiseren. Zorg voor meer ruimte en geld aan steden voor het starten van het integratieproces. Nu al werken of de taal leren, vergroot de kans dat mensen straks voor zichzelf kunnen zorgen, als de verblijfsstatus eenmaal rond is. Financier dus minimaal de helft van de gemeentelijke kosten voor de noodopvang, onderwijs en zorg. Dijkhoff en Asscher: gebruik gemeenten niet als pinautomaat, pak de rekening op.

, Robert van Asten en Salima Belhaj D66-fractievoorzitters uit resp. Amsterdam, Utrecht, Den Haag en Rotterdam