Kun je 1,3 miljoen Chinezen minder vlees laten eten?

In de jaren zestig at een Chinees gemiddeld 13 kilo vlees per jaar. Vorig jaar bijna 63 kilo.

 Varkensvleesmarkt in Tianying, in de provincie Anhui. Foto’s Nelson Ching/Bloomberg en David Gray/Reuters

Elke middag, rond een uur of vier, wordt de stoep voor twee hotpotrestaurants aan de Wulumuqistraat in Shanghai geblokkeerd door tientallen kilo’s varkensdijen, opgerolde flanken koe en in plastic verpakte schapen, compleet met hangende kop en tong. „Gaat vandaag en morgen allemaal op”, zegt een van de eigenaren, Wang Ming, terwijl hij met een fileermes de donkerrode brokken vlees in flinterdunne reepjes snijdt.

De eerste eters stromen al vroeg binnen. Ze zijn zich er totaal niet van bewust dat zij, ontspannen barbecuend, bijdragen aan een ‘wereldprobleem’: de opwarming van de aarde. Schalen rund-, schapen- en varkensvlees verdwijnen in stomende potten, gevolgd door champignons, koriander, tofu, knoflook en spinazie. Met gekoeld Tsingtao-bier erbij is het de Chinese keuken op zijn lekkerst, en gezelligst.

„Miljonairseten, zo noemden mijn ouders vroeger vleesgerechten. Tegenwoordig eet iedereen soms wel drie keer per dag vlees”, weet uitbater Wang. De tofu-eters van weleer zijn inderdaad vleeseters geworden, vooral in de grote steden. „Als student aten wij 35 jaar geleden nooit vlees: we aten rijst, groenten en soms wat kip. Thuis ook niet. Ja, hooguit één keer per jaar werd een varken geslacht. Mijn studenten kunnen door de welvaart elke dag naar McDonald’s”, vertelt hoogleraar Pan Genxing (59), directeur van het Centrum voor Klimaatverandering en Landbouw aan de Universiteit van Nanjing en zelf vegetariër „uit gewoonte”.

Aten Chinezen in de jaren zestig gemiddeld 13 kilo vlees per jaar, in 2014 was dat 62,7 kilo (in de VS 120 kilo, in Nederland 89,3 kilo). Ook de consumptie van melk en yoghurt is spectaculair gestegen. Daar komt bij dat China grootimporteur is geworden van rund- en varkensvlees. De 400 miljoen koeien, varkens en schapen produceren met hun adem, winden en mest de broeikasgassen methaan, tien keer krachtiger dan kooldioxide, en lachgas dat zelfs driehonderd maal krachtiger is. De snelgroeiende Chinese veestapel is nu goed voor de helft van de uitstoot van broeikasgassen door agrarische activiteiten in China. Daarbij moet dan nog de uitstoot worden opgeteld die wordt veroorzaakt door de productie van veevoer en het transport van mest, vlees en voer. Vertaald in CO2-waarden: anno 2015 blaast de Chinese agrarische industrie jaarlijks 773 miljoen ton de hemel in. En dan is de uitstoot van de productie van het geïmporteerde vee en veevoer niet meegerekend: door de gestegen vleesconsumptie is China sinds 2012 de grootste importeur van granen en sojameel ter wereld.

„Ons onderzoek is nog niet klaar. We doen nog tal van deelstudies, maar het is duidelijk dat met de stijgende welvaart en de bevolkingsgroei naar 1,45 miljard in 2030 de consumptie van vlees- en melkproducten blijft stijgen. Dat kan alle andere initiatieven om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen tenietdoen”, zegt Pan, die daar samen met zijn assistent Cheng Kun (39) geregeld over publiceert in The Lancet en het Journal of Agricultural Science. „De klimaatdoelen die China stelt en waarover op de klimaattop zal worden onderhandeld, worden niet gehaald als de productie van vlees en melkproducten buiten beschouwing blijft.”

Niets wijst erop dat China deze sector bij de onderhandelingen wil betrekken. Cheng Kun, adviseur van de Chinese delegatie op de klimaatconferentie die volgende week in Parijs begint, bevestigt dat ook voor de autoriteiten de rol van koe, varken en schaap in de opwarming van de aarde een blinde vlek is. Over de agrarische sector stond ook niets in de gezamenlijke verklaring van de Chinese president Xi Jinping en zijn Amerikaanse ambtgenoot Obama eind september in Washington. Misschien omdat de Amerikaanse landbouw grootleverancier van veevoer aan Chinese veebedrijven is.

Stallen zover het oog reikt

Een van die Chinese afnemers van veevoer, levende dieren en stierenzaad uit de VS is de beursgenoteerde Moderne Landbouwgroep, een van de drie grootste bedrijven in de Chinese veesector.

Vrachtwagens met sojameel en alfalfa uit Wisconsin en Minnesota staan voor de megaboerderij bij Zhuding, in de oostelijke provincie Anhui, te wachten op ontsmetting. Al bij de poort is te zien dat het om de grootste veehouderij ter wereld gaat: witte stallen met lichtgroene daken waar in totaal 40.000 stuks vee huizen, tot zover het oog reikt. Rechts het ‘hotel’ voor de duizend melkers, staljongens, veeartsen, heftruckchauffeurs en kantoorpersoneel. In het midden vijf melkcarrousels, die bijna continu in bedrijf zijn, en links stallen zo groot als de startbanen van een vliegveld. Moderne Landbouw heeft verspreid over China vier van deze megacomplexen, maar dit is het grootste.

Manager Chen Ming gebruikt voor zijn dagelijkse inspectierondes een elektrische golfkar. Tijdens de rit door een stal van een halve kilometer lang met jaarlingen vertelt hij dat „we door de toekomst van de Chinese veeteelt rijden”. Voor drachtige koeien is een aparte stal ingeruimd. Er is niet genoeg ruimte voor de 200 kalfjes die hier per dag worden geboren: die staan buiten in een soort tentenkamp.

„Het vergroten van de veestapel met veertig miljoen koeien, varkens en schapen per jaar is een officieel doel van het ministerie van Landbouw”, vertelt Chen. De vraag naar vlees en melkproducten zal tot 2030 verdrievoudigen. Met prijsstijgingen van vlees en melk van 85 procent tussen 2009 en 2013 is het duidelijk: bedrijven als Moderne Landbouw floreren.

Nu nog vormen kleine familiebedrijven de ruggegraat van de Chinese landbouw, maar de hervorming naar grootschalige rund- en varkenshouderijen met gemiddeld achtduizend dieren is in volle gang. Er is al een melkboerderij met 100.000 koeien in aanbouw bij de grens van China met Siberië. Moderne Landbouw koopt ook megaboerderijen in Australië, Argentinië en Ethiopië op.

De grootste trots van manager Chen zijn de installaties die mest omzetten in biogas en zo de uitstoot van broeikasgassen verminderen. Met hoeveel procent mag hij niet vertellen, net zoals hij heel zuinig is met informatie over de vervuiling van het grondwater en van twee nabijgelegen rivieren. Boeren in de buurt hebben al een paar keer geprotesteerd tegen de vervuiling van waterbronnen met de smurrie die vrijkomt bij de productie van biogas.

Hoogleraar Pan: „Het omzetten van mest in biogas is nuttig, maar volstaat bij lange na niet om de uitstoot van broeikasgassen in de veehouderij werkelijk op grote schaal te verminderen. Het is een lapmiddel.” Op de vraag of hij dan wel een oplossing heeft, antwoordt hij breed grijnzend: „Jazeker. Als de meeste Chinezen weer vegetariër worden, zoals 35 jaar geleden, is het wereldprobleem opgelost. Maar ja, ga 1,3 miljard mensen er maar eens van overtuigen dat ze niet meer mogen hotpotten of geen hamburgers meer mogen eten.”