TJ Flowers is nu de man van de 10 kilometer

Ted-Jan Bloemen (29) verrast als Canadees met fenomenaal wereldrecord.

Ted-Jan Bloemen Foto Jeff McIntosh/AP

Met een grote grijns op zijn gezicht hief hij het bord omhoog waarop zijn nieuwe wereldrecord in dikke cijfers stond gedrukt: 12.36,30. Ted-Jan Bloemen, CAN. Hij mocht het zelf ophangen onder die andere legendarische records die in de loop van de jaren werden gereden op de Utah Olympic Oval: Shani Davis op de 1.000 (1.06,42) en de 1.500 meter (1.41,04), die grensverleggende 33,98 op de 500 meter van Pavel Koelizjnikov, vrijdag. En natuurlijk de vijf kilometer van Sven Kramer (6.03,32) uit 2007 – het laatste wereldrecord dat hij nog in handen heeft.

„Supergelukkig”, was hij met zijn fenomenale prestatie, anderhalf jaar na zijn emigratie naar Canada. Want hoe onwaarschijnlijk was die spectaculaire wending in de carrière van Ted-Jan Bloemen (29), zaterdagavond in Salt Lake City? Als Canadees afrekenen met de Nederlanders die hem jarenlang in de weg hadden gezeten. Een goede schaatser uit Gouda, bescheiden, met een uitgesproken voorliefde voor de lange afstanden, maar simpelweg niet zo goed als sommige anderen – Kramer, Jorrit Bergsma, Bob de Jong, Jan Blokhuijsen, Koen Verweij, noem maar op.

Zaterdag was hij dat wel. Terwijl de schaatswereld vol verwachting klaar zat voor een wereldrecord van de grootheden Kramer en Bergsma liet Bloemen zien waarom hij vorig jaar uitweek naar Canada. In een memorabele rit naar de roem verpulverde hij het oude wereldrecord (12.41,69) dat Kramer acht jaar eerder had gereden op dezelfde baan.

De twee Friezen konden niets anders doen dan een diepe buiging maken voor de trotse Canadees. „Een ontzettend gave rit”, zei Bloemen na afloop tegenover de NOS. „Dat ik hier zou winnen had ik niet verwacht. Ik had er wel vertrouwen in dat ik een wereldrecord in mijn benen had, maar er kwam nog een rit achteraan, en wat voor een rit.”

Anderhalf jaar geleden was hij er bijna mee gestopt, na de Winterspelen van Sotsji. Niet dat hij daar had gereden. Bloemen werd nooit olympiër en was onder de moordende concurrentie in Nederland nooit goed genoeg voor de WK afstanden. Af en toe wat wereldbekerwedstrijden en een aantal allroundtoernooien, zoals het WK van 2010, waar hij vierde werd. Zijn grootste prijs was de nationale allroundtitel van 2012, bij afwezigheid van Kramer en Blokhuijsen.

Typerend genoeg reed hij dat toernooi in het schaatspak van het gewest Friesland. Niks inkomen, of een luxe hotel tijdens de toernooien in Heerenveen, zoals de concurrenten bij de grote merkenteams: gewoon thuis slapen. Af en toe had hij een contract, zoals bij APPM of BAM, meestal een jaartje. Gekmakend, ook mentaal. Hij kreeg weinig cadeau. Ja, de onvoorwaardelijke steun van zijn ouders – en soms een voedzame maaltijd van zijn moeder Gretha. Zij is zijn grootste fan, samen met haar man Gerhard-Jan.

Wat dat betreft had hij het niet beter kunnen treffen. Zijn ouders waren zo bezorgd over de toekomst van het allroundschaatsen en de tien kilometer – en die van hun zoon – dat ze vier jaar geleden meehielpen de stichting Ons schaatsen op te richten, ter ondersteuning van de wegkwijnende discipline in hun sport. De naam kwam voort uit het idee dat het schaatsen „van ons Nederlanders is”, zei vader Bloemen, huisarts te Gouda, destijds in NRC.

Ironisch genoeg viert zijn zoon nu zijn grootste succes onder de vlag van Canada, waar vader Bloemen werd geboren. Vorig jaar zomer verkocht hij zijn huis in Heerenveen, raapte zijn schaarse spullen bijeen en kocht een ticket naar Calgary. Een paspoort was, dankzij de Canadese nationaliteit van zijn vader, snel geregeld.

TJ Flowers, zoals zijn bijnaam al snel luidde, ziet zijn emigratie niet als een vlucht uit Nederland voor de moordende concurrentie, daarvoor kwalificeerde hij zich te vaak voor de allroundtoernooien. Het probleem lag ergens anders. „Ik heb in Nederland zoveel moeilijkheden gehad om wat stabiliteit te vinden”, zei Bloemen. „Ik moest elk jaar weer een nieuwe ploeg zoeken, elk jaar moest ik weer mijn weg vinden. Dat maakte het er voor mij niet leuker op. Het was heel stressvol.”

Na anderhalf jaar wonen en trainen ‘op hoogte’ in Calgary, vond Bloemen onder de succesvolle Nederlandse coach Bart Schouten de rust terug die hij zo nodig had. Hij voelt zich er als een vis in het water. „So happy to be part of this amazing team Canada”, twitterde hij vorig week nog, nadat hij met zijn nieuwe landgenoten voor eigen publiek in Calgary de ploegachtervolging had gewonnen.

Eindelijk een paar jaar bouwen, op weg naar zijn eerste Spelen, in Pyeongchang (2018). En geen misverstand daarover: „Ik wil daar meedoen om de medailles.” Niemand in de Nederlandse ploeg die dat nu nog zal tegenspreken.