Zoveel schoonheid in eenvoud LITERATUUR KINDERBOEKEN

1

Boekenrecensent Arjen Fortuin kan niet stoppen met citeren uit de verzamelde verhalen van Marga Minco.

Gewetensvraag: heb je weleens iets anders van Marga Minco gelezen dan Het bittere kruid? En trouwens, wanneer heb je Het bittere kruid voor het laatst opengeslagen? Deze eeuw nog? Hoe dan ook, met de in de fraaie Gedundrukt-reeks verzamelde verhalen hebben we ineens weer 300 bladzijden Minco voor het grijpen.

Met een vroeg verhaal dat de toen twintigjarige Minco in 1940 in Algemeen Handelsblad publiceerde: Het lelijke knikkertje wordt weer mooi. Het knikkertje wordt gepest, vlucht en keert uiteindelijk gesterkt („van goud”) terug bij de andere knikkers – en dat van de schrijfster die als geen ander de wonden van het niet-terugkeren na 1945 heeft laten zien.

Lees even mee in een verhaal dat De dag dat mijn zuster trouwde heet: „Op de dag dat mijn zuster trouwde stond ik vroeg op, nog voor het aflopen van mijn wekker, die ik op zeven uur had gezet. Ik liep naar het raam dat half op de pin stond, duwde het verder open en leunde naar buiten. Een vrouw in een roze peignoir kwam op blote voeten haar keukendeur uit. Voorzichtig, alsof ze het eerste ijs probeerde, deed ze een paar stappen over de plavuizen naar het tuinpad, waarna ze snel terugging, haar benen hoog optrekkend. Het was nog kil, maar de grijsachtig witte lucht begon al te breken en het zag ernaar uit dat het een zonnige voorjaarsdag zou worden. Een paar tuinen verder liet iemand een emmer over een stoepje rollen.”

Zo eenvoudig is de schoonheid van Minco’s zinnen. Een paar pagina’s verderop blijkt deze voorjaarsdag met een zweem van kil onheil zich in 1942 af te spelen.