Verwar acteurs nooit met hun laatste rol

Foto Peter Rabbèl

Casting was in Nederland geen vak. Alle film- en tv-regisseurs kenden alle acteurs, zo klein was het wereldje, er waren in dit land dus geen casting directors nodig om de juiste acteurs voor de juiste rollen te vinden. Margarete van Dam was rond 1972 de eerste die er hier toch haar beroep van maakte.

Ze had al ervaring, omdat ze als Duitse in de jaren vijftig had gewerkt bij een Berlijns managementbureau voor acteurs – tot ze daar de Nederlandse showbizzfotograaf Bob van Dam ontmoette en in 1961 met hem meekwam naar Amsterdam. Na een aantal jaren in het huishouden belandde ze alsnog in de casting doordat een bevriende Duitse tv-producent haar vroeg of ze een Nederlandse acteur wist die de rol van een buitenlandse aanklager kon spelen. Zo werd Ton van Duinhoven haar eerste klant.

Van Dam, 31 oktober op 85-jarige leeftijd overleden, boekte vooral succes met haar acteursadviezen voor populaire tv-series als Zeg ’ns Aaa, Medisch Centrum West, De Fabriek en Spijkerhoek. Zij was degene die de toen niet alom bekende toneelactrice Sjoukje Hooymaayer voordroeg voor de doktersrol in de comedyserie Zeg ’ns Aaa. Maar toen Van Dam opperde dat Renée Soutendijk de dochter des huizes zou kunnen spelen, reageerde regisseur Nico Knapper afwijzend. Hij had Soutendijk net in de film Spetters gezien als brutale, volkse meid – geen type voor een doktersdochter. „Toen heeft Margarete me ernstig toegesproken en me geleerd om nooit een actrice te vereenzelvigen met haar laatst gespeelde rol”, aldus Knapper. „Een belangrijke les voor mij.” Soutendijk kreeg de rol.

„Als ik ergens in geloof, twijfel ik nooit”, luidde haar devies. „Margarete van Dam was een sterke vrouw, die zei waar het op stond, leefde voor haar castingbureau en onvermoeibaar de belangen van haar acteurs behartigde”, zegt Klaas Hofstra, die via Van Dam een vaste rol kreeg als internist in Medisch Centrum West.

Eén van haar laatste opdrachten was het vinden van een tweeling voor de familiefilm De Schippers van de Kameleon in 2003. Daarna moest ze stoppen wegens Alzheimer. Ze woonde de laatste jaren in een verpleeghuis, maar zelfs daar zei ze eens tegen een verzorgster: „Als ik je een paar jaar eerder had ontmoet, zou ik je een rol gegeven hebben vanwege je mooie blauwe ogen.” Hofstra’s conclusie: „Het casten zat in haar bloed, dat bleef ze tot het eind van haar leven doen.”