Robot kan leren sturen van insect

Hoe voorkom je dat er in het in steeds drukkere robotverkeer wordt gebotst? Door te kijken naar insecten.

Mensen leven met steeds meer robots om zich heen. Robots maken huizen schoon, inspecteren gevaarlijke gebieden op bijvoorbeeld bommen en helpen dokters bij operaties. Hoe meer robots er komen, hoe vaker die bewegen op plekken waar veel spullen staan.

Dus hoe voorkom je dat robots botsen? Veel andere robots gebruiken laserstralen om een voorwerp te zien en te omzeilen, maar dat kost veel energie. Een wetenschapper in Duitsland keek daarom goed naar insecten (PLOS Computational Biology, 13 november).

Insecten zoals bijen hebben bijzondere ogen, die bestaan uit tienduizenden lensjes. Kan een mens ongeveer zestien beelden in één seconde waarnemen, insecten zien soms wel 200 beelden per seconde afzonderlijk. Insecten zien daardoor een botsing goed aankomen, sturen snel bij en het kost weinig energie.

Nu kun je niet zomaar een insectenoog in een robot zetten. Daarom maakte de wetenschapper van het levende oog iets elektronisch. Licht weerkaatst eerst op een voorwerp, valt dan in de ooglensjes, wordt in stroompjes doorgestuurd naar de hersenen, die het insect bijsturen. Al die stapjes beschreef de onderzoeker in wiskundige formules. Vervolgens maakte hij hiermee een soort computergame waarin een namaakrobotje met insectenogen over een dambord vol obstakels vliegt. Het robotje koos verschillende routes. Wat bleek? Alle routes leken heel erg op de looproutes van mieren, óók insecten. En daar is het niet bij gebleven. De ‘ogensoftware’ is net ingebouwd in een echte robot, die de vorm heeft van een insect.

Karel Berkhout