‘Muziek is een dagelijkse levensbehoefte’

Jeroen van Veen

(46) is pianist en componist. Op dit moment werkt hij aan zijn eerste Twitterconcert.

Op de rem

„Toen ik veertien was, bestond mijn school zestig jaar. Dat werd groots gevierd met een concert in de Schouwburg van Doetinchem. Ik werd gevraagd om iets te spelen. Zo geschiedde. Het werd een heel hard klassiek stuk. Ik zie me nog zitten op dat podium. Begint plotseling de vleugel te rijden! Dus ik op mijn kruk erachter aan. Van links naar rechts over dat podium. Iemand was vergeten ‘m op de rem te zetten. Er zijn nog steeds mensen die zich dit moment herinneren. Sindsdien heb ik een checklist en kijk ik altijd of een vleugel vaststaat. Je moet er alert op blijven dat dingen niet soms niet goed geregeld zijn.”

Presteren

„Bij ons in huis klonk altijd muziek. Mijn eerste pianoles kreeg ik van mijn moeder toen ik zeven was. Zij was pianodocent, mijn vader was koordirigent. Een muzikaal nest. We hadden twee piano’s en een vleugel. Dat kwam goed uit, want mijn twee broertjes en ik vochten altijd om wie er achter de piano mocht. Alles stond in het teken van presteren. Van totale toewijding. Toen mijn moeder zwanger raakte van mij, is ze gestopt met het Conservatorium. Daarom hoorde ik altijd ‘Jeroen, wat er ook gebeurt, zorg dat je je opleiding afmaakt.’ Toch heeft nog nooit iemand naar mijn diploma’s gevraagd. Pianist, dat ben je gewoon.”

Huiswerk

„Ik ben een muzikale veelvraat. Elke avond voor ik in slaap viel, luisterde ik naar Radio 4. Dat waren veelal live concerten vanuit het Concertgebouw. Dat wilde ik ook! Het leek me heel tof op te treden, betekenis te geven aan muziek en mensen te raken. Dat was het moment dat ik besloot mijn leven te wijden aan de muziek. Op mijn dertiende werd ik gevraagd om een kinderkoor te dirigeren. Een goeie leerschool. Ik herinner me nog hoe ik een meisje van twaalf naar huis stuurde omdat ze niet had geoefend. Ik als broekie van dertien. Kreeg ik haar ouders op m’n dak. Maar de keer erna had ze haar huiswerk gedaan hoor.”

Toucher

„Mijn partner Sandra ontmoette ik op het Conservatorium in Utrecht. Haar toucher, de manier waarop ze de toetsen beroert, viel me meteen op. Die heeft iets krachtigs. Een hele mooie oerklank. Iemands toucher is zoiets als je handtekening. Je kunt er veel uit aflezen. Bij Sandra dacht ik: wauw, ik ben niet de enige op de wereld die hier op kickt. Ik leefde daarvoor wel echt op een eiland. Altijd alleen maar met muziek bezig. Dat had zij ook. En nu nog. We gaan ook niet graag op vakantie. En als we gaan, gaat er een piano mee in de achterbak. Die vingers moeten gewoon bewegen. Iedere dag.”

Huwelijk

„‘Jullie zijn schatten van leerlingen, maar ga niet als duo spelen’, zei onze hoofddocent toen hij van onze relatie hoorde. Hij had net een huwelijk achter de rug met een musicus. Los van musiceren moet je ook nog samen kunnen afwassen, je ellende kunnen oplossen. Toch gaat het al 26 jaar goed. Net als de keuze om me toe te leggen op minimal music. Daar zou geen markt voor zijn. De hele klassieke wereld is opgeleid om complexe materie aan te kunnen. Hoe meer noten per seconde hoe beter. Als je dan iets eenvoudigers neerzet dat je zonder al te veel oefenen kunt spelen, gaat die oude wereld in verweer.”

Canto Ostinato

„In 1995 schreven Sandra en ik de componist Simeon ten Holt een brief, met daarbij onze opname van zijn Canto Ostinato. Hij schreef terug. Complimenten en een uitnodiging. Een goede vriendschap ontstond. Hij leerde me eigenwijs te blijven. Canto Ostinato was er nooit gekomen als hij niet eigenwijs was geweest. De markt vroeg om ingewikkelde composities, dus schreef hij in het geheim. Die weerstand merkte ik ook toen ik de ligconcerten introduceerde. Mijn impresario zei eerst: ‘dat kan ik toch niet verkopen?’ Nu nemen mensen zelf matjes mee en is het steevast uitverkocht.”

Nieuwe wereld

„Ik ben bezig met een cd-box met alle werken van Satie die volgend jaar 150 jaar geleden werd geboren. Ik heb net één compositie van hem opgenomen die 24 uur duurde. Daarna was ik helemaal kapot, maar ik hou ervan om nieuwe dingen te creëren. Zo bouw ik aan de eerste legopiano ooit. Die bestaat uit meer dan 20.000 steentjes. En we zijn bezig met een Twitterconcert. Dan kan het publiek via Twitter praten met de pianist en kiezen wat het wil horen. Mensen hebben steeds meer behoefte aan een beleving. In de nieuwe wereld wachten mensen niet op subsidie of toestemming. We gaan gewoon aan de slag.”