Column

Bercy

In 1993 heb ik opgetreden in Parijs. Nee, niet in l’Olympia, zoals je tegenwoordig als zelfrespecterend Nederlands artiest moet nastreven, maar in het Bercy- stadion. Ik zat in de zesde klas en deed mee aan een meerjarig project dat Entrez dans la légende heette. Het was verreweg het meest megalomane evenement waar ik ooit bij betrokken ben geweest. In dat laatste projectjaar oefenden meer dan tweeduizend kinderen, uit alle uithoeken van Europa, op een spektakelstuk. Denk aan Cirque du Soleil, maar dan massaler en zonder acrobatische skills. Er waren kostuums en we zongen samen liederen die waren gecomponeerd door Bob Geldof. Soms zit ik op de fiets en komt ineens de tekst weer boven: „Tomorrow, the future, today is the dawn.” Wij waren zeventien en konden niet anders dan dit allemaal genadeloos belachelijk maken. Toch genoten we vooral. Er werd gekaart met Tsjechen. Er was een Italiaanse jongen van zestien die twee tepelpiercings had. En we werden toegesproken door Chirac, toen nog burgemeester van Parijs. Iedereen kreeg champagne, terwijl niemand achttien was. Dit soort gebaren, daar zijn de Fransen goed in.

En, zo moge duidelijk zijn, het hele project droop van de Europese subsidie. Het doel was (meenden we te begrijpen) dat wij als Europese jeugd iets gingen voelen bij de eenwording. Dat wij ons ‘Europeaan’ gingen noemen. Dat gebeurde niet, we waren te druk bezig met onszelf. Toch was er wel een soort verbondenheid.

Bij de uitvoering zat er bijna niemand op de tribunes, begrijpelijk, want wie wil nu tweeduizend kinderen zonder specifieke talenten horen zingen over een nieuwe dageraad? Het deed er niet toe, we hadden de eindstreep gehaald, met z’n allen. En we kenden nu iemand met tepelpiercings.

De reden dat wij meededen aan dit project was dat wij gymnasiastjes waren die heus wel wat school konden missen. Dat gold voor alle kinderen daar; later zouden ze gaan studeren en misschien wel diplomaat worden, of journalist, of politiek leider. Er was niemand uit Molenbeek, is mijn inschatting achteraf.

Het zal wel soft van me zijn, maar ik hoop dat er een tijd komt waarin er ontzettend veel geld wordt gepompt in dit soort rare megalomane projecten, maar dan voor alle kinderen in de voorsteden die te lang voor het gemak over het hoofd gezien zijn.