Verliezen de start-ups hun magie?

De langverwachte beursgang van Square liep uit op teleurstelling. Twijfels over miljardenwaarderingen in Silicon Valley groeien.

Jack Dorsey, topman van Square en baas van Twitter, gisteren bij de beursgang van Square in New York. Die bracht veel minder op dan gedacht.

Het was een lakmoesproef voor investeerders in Silicon Valley – en die is mislukt. Gisteren ging het Amerikaanse betalingsbedrijf Square naar de beurs en dat is voor de geldschieters uitgelopen op een grote teleurstelling.

In plaats van de 6 miljard dollar (5,6 miljard euro) waarop Square door eerdere investeringen werd gewaardeerd, kwam de beurswaarde van het bedrijf uit op zo’n 4 miljard dollar. Dat is lang niet verkeerd voor een bedrijf van slechts vijf jaar oud, en bovendien het resultaat van een koerssprong op de eerste dag, maar het is fors minder dan eerder verwacht.

Internationale media, waaronder de New York Times en de Financial Times, grijpen de beursgang aan om te constateren dat er misschien wel sprake is van een zeepbel rondom techbedrijven. De start-up-rage is de laatste tijd flink opgestookt door een bonte mix van investeringsmaatschappijen, die grof geld steken in piepjonge bedrijven, vooral in Silicon Valley. Volgens accountsbureau KPMG ging er tot september wereldwijd 98 miljard dollar naar startende ondernemingen. Dat is nu al meer dan in heel 2014.

Er zijn investeerders die hun schouders ophalen over de mislukte beursgang van Square. Dat bedrijf maakt een behoorlijk specifiek product: een kastje waarmee je een smartphone als creditcardlezer kunt gebruiken. Wat heeft de beursgang van zo’n bedrijf nou te maken met al die andere investeringen, vragen zij zich af. Hun geld zit in heel andere bedrijven: van taxi-app Uber tot berichtendienst Snapchat. Marc Andreessen, een investeerder in Silicon Valley, twitterde gisteren sarcastisch: „In 1999 waren veel te hoge beurswaarderingen een teken van een tech-zeepbel, in 2015 is juist een tegenvallende beursgang het bewijs.”

Unicorns

Maar toch hadden veel analisten in Silicon Valley uitgekeken naar de beursgang. Dat komt doordat Square een van de zogeheten unicorns is, een term die een paar jaar geleden is bedacht voor start-ups die de mythische (vandaar de keuze voor de eenhoorn) grens van 1 miljard dollar waardering doorbraken. Inmiddels is er weinig mythisch meer aan: ruim 140 start-ups zijn nu unicorn. Het zijn er zo veel dat nu al een term is verzonnen voor start-ups die de 10 miljard dollar voorbij zijn: de decacorn.

Van de 140 unicorns maakt er vrijwel geen enkele winst. Sterker: vele lijden miljoenen per jaar verlies. Investeerders zijn er toch dol op, omdat ze qua aantallen gebruikers zeer snel groeien. En ook omdat ze denken dat nu bedrijven ontstaan die nog jarenlang dominant blijven op het relatief nieuwe medium van de smartphone. Dat heeft Square wél gemeen met andere unicorns.

Twijfel groeit

De twijfel over unicorns neemt toe doordat investeerders recentelijk al moesten afschrijven op een aantal andere projecten. Investeringsmaatschappij Fidelity schreef deze week 25 procent af van zijn investering in Snapchat. Eerder had het bedrijf zijn belang in Zenefits (bedrijfssoftware) al met de helft afgeboekt.

Een beursgang zegt misschien nog wel meer dan een boekhoudkundige afschrijving over de daadwerkelijke waarde van investeringen: blijven de enorme waarderingen ook overeind buiten de geloofsgemeenschap van technologiefans en gespecialiseerde investeerders? Nee dus, in dit geval.

Als er al sprake is van een zeepbel, lijkt het er niet op dat deze verstrekkende gevolgen zal hebben. Juist omdat vooral private fondsen geld in de start-ups hebben gestoken: gewone beleggers merken daar weinig van. Sterker, van alle bedrijven die in 2015 naar de Amerikaanse beurs gingen, was maar 14 procent een techbedrijf. Dat is het laagste percentage sinds midden jaren 90. Een eventuele nieuwe internetzeepbel gaat waarschijnlijk aan de beurs voorbij. Behalve dan nu even met Square.